Inzet Overdiepse Polder bij hoog water zeer effectief

Het onder water laten lopen van de Overdiepse Polder bij een zeer hoge waterstand in de Maas is een effectieve maatregel en draagt in belangrijke mate bij aan de waterafvoerende capaciteit van de rivier. Dat blijkt uit een verkenning die door de bewoners en ondernemers in de polder is uitgevoerd. Bewoners en ondernemers geven unaniem de voorkeur aan de variant waarbij de dijk wordt verlegd naar het Oude Maasje en de boerderijen verplaatst op terpen langs die nieuwe waterkering. Verder wordt de huidige dijk gedeeltelijk afgegraven zodat de polder bij zeer hoge waterstand kan overstromen. Bewoners en bedrijven willen aan deze ontwikkeling meewerken. Wel dringen ze aan op snelle besluitvorming en willen dat de polder als proefproject rivierverruiming versneld wordt uitgevoerd.

De verkenning is door de bewoners op 8 oktober 2003 aangeboden aan de gedeputeerde voor milieu, water en natuur in provincie Noord-Brabant, Lambert Verheijen. Hij is tevens voorzitter van de Stuurgroep Benedenrivieren die de Staatssecretaris van V&W adviseert over de maatregelen moeten worden genomen om dijkdoorbraken bij zeer hoge waterstand te voorkomen. Daarbij wordt in eerste instantie gekeken naar maatregelen om de rivier meer ruimte te geven.

Landelijk voorbeeld
Verheijen prees het initiatief van de bewoners en de ondernemers. “Het is een landelijk voorbeeld hoe de verantwoordelijkheid voor een veilige leefomgeving wordt opgepikt door zowel burgers als ondernemers. Het project blijkt effectief te zijn en kan rekenen op een groot maatschappelijk draagvlak. Een voorbeeld voor Nederland. Als provinciebestuurder daag ik daarom de staatssecretaris uit om snel te komen met voorstellen om het project versneld uit te voeren, vooruitlopend op het pakket aan maatregelen die voor het gehele rivierengebied nodig is. We moeten de bewoners niet langer in onzekerheid laten en hen een kans geven een nieuw en veilig bestaan op te bouwen in hun poldergebied. Deze kans moet we niet laten liggen”, aldus Verheijen.
Gedeputeerde Verheijen gaf ook aan dat rivierverruiming in de Overdiepse polder de mogelijkheid biedt om dit te combineren met de compensatieverplichting voor de keersluis Kromme Nol. “De aanleg van hoogwatergeulen langs de Bergsche Maas kan dan achterwege blijven.” Hij zal dit binnenkort met de staatssecretaris bespreken.

De Stuurgroep Benedenrivieren bespreekt het voorstel van de bewoners in de vergadering d.d. 15 oktober a.s. en zal dan aan staatssecretaris Schulz van Haegen advies uitbrengen over het vervolgtraject.

Ambities
Verheijen wil op korte termijn ook met staatssecretaris Schulz van Haegen spreken over de ambities die de rijksoverheid nastreeft bij dit omvangrijke project. “Van belang is dat we veiligheid realiseren door de rivieren meer ruimte te geven en daarmee tegelijkertijd de ruimtelijke kwaliteit van het rivierengebied verbeteren. We weten nu al dat het budget hiervoor echt ontoereikend is. Ik vrees dat we dan noodgedwongen gaan terugvallen op technische maatregelen die slechts een beperkte tijd soelaas bieden. Dat doet geen recht aan het proces tot nu toe en aan de inbreng en energie die we van velen vragen. Ik wil op korte termijn van de staatssecretaris helder hebben hoe we verder gaan, welke ambities zij nastreeft. Naar mijn mening moeten we flexibeler met tijd en geld om kunnen gaan om de doelstellingen voor de lange termijn te realiseren. Ruimte voor de Rivier kan met weinig extra inzet tot grote ruimtelijke kwaliteit leiden. Dit betekent dat meer gekeken moet worden naar de maatregelen die juist op de langere termijn goed scoren. Het gaat immers om het realiseren van duurzame oplossingen. De voorstellen voor de Overdiepse polder passen prima in dit beeld”, aldus Verheijen.

Planstudie Ruimte voor de Rivier
Hogere rivierafvoeren en een stijgende zeespiegelstijging maken het noodzakelijk om maatregelen te nemen om nu en in de toekomst veilig te kunnen leven en werken. Voor een blijvende bescherming dienen rivieren meer ruimte te krijgen. In de planstudie Ruimte voor de rivier, een initiatief van de rijksoverheid, wordt onderzocht welke maatregelen het meest wenselijk zijn. Het studiegebied beslaat alle Rijntakken, inclusief de Maas benedenstrooms van Heusden.
Op basis van deze studie wordt in 2004 deel 1 van de Planologische Kernbeslissing (PKB) Ruimte voor de rivier vastgesteld. In de PKB wordt aangegeven welke maatregelen voor 2015 (de korte termijn) uitgevoerd moeten worden en waar ruimte gereserveerd moet worden voor maatregelen die op langere termijn nodig zijn. De Stuurgroep Benedenrivieren adviseert de staatssecretaris vanuit deze regio.
In het benedenrivierengebied zijn nog ruim veertig maatregelen in beeld. Eén daarvan is de Overdiepse polder. Nadat deze locatie in het verleden al meermalen als mogelijke locatie werd genoemd, hebben bewoners en ondernemers in de polder de handen ineen geslagen. Uiteindelijk heeft dit geleid tot de verkenning die nu is afgerond.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Noord-Brabant