Planstudie Schiphol-Amsterdam-Almere leeft

Hoge opkomst consultatiebijeenkomsten publiek

Den Haag – Tussen 25 januari en 16 februari 2006 heeft Rijkswaterstaat tien consultatiebijeenkomsten over de Alternatieven- en Variantennota gehouden om de meningen van het brede publiek te peilen. De nota is een onderdeel van de planstudie Schiphol-Amsterdam-Almere, die zich richt op de lange termijn oplossingen na 2010 om de bereikbaarheid van het traject te verbeteren. Een zeer hoge opkomst was er tijdens de bijeenkomsten, meer dan 1000 mensen. Hieruit blijkt dat er grote betrokkenheid vanuit de omgeving van het studiegebied is.

Rijkswaterstaat heeft voor het eerst gewerkt met gebruik van stemkastjes om de meningen te peilen en om de discussie op gang te brengen en om zoveel mogelijk mensen te betrekken bij het proces. Een aantal bezoekers vindt dat door het gebruik van de stemkastjes de discussie is beperkt. Veel mensen hopen op beprijzen als deel van de oplossing – het nulplusalternatief – en beter, meer en goedkoper openbaar vervoer. Daarnaast spreekt het verbindingsalternatief (ondergronds) met (lange) tunnel veel mensen aan. Dit zijn de eerste uitkomsten van de evaluatie van de bijeenkomsten.

De uitgebreide impressie van de tien bijeenkomsten staat begin maart 2006 op website www.schiphol-amsterdam-almere.nl

Tot april 2006 werkt Rijkswaterstaat aan het consultatiedocument. In dit document staan de resultaten van de bijeenkomsten samen met de analyse van de resultaten opinieonderzoek en de enquête website, alsmede de analyse van de schriftelijke reacties waaronder bestuurders.

Het consultatiedocument vormt samen met de Alternatieven- en Variantennota input voor de keuze van het Kabinet voor één van de onderzochte alternatieven. Het Kabinet maakt voor de zomer van 2006 een keuze. Het gekozen alternatief wordt dan verder uitgewerkt. Dit leidt tot de Trajectnota/MER, die in de loop van 2007 klaar moet zijn.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Ministerie van Verkeer en Waterstaat