Waterbouw

Nieuwe cao Bouw & Infra: 4,5% loonsverhoging en ‘diplomabonus’

Er is een nieuwe cao Bouw & Infra met een looptijd van twee jaar. Werkgevers en werknemers hebben afspraken gemaakt over 4,5 procent loonsverhoging, het stimuleren van scholing en mensen in vaste dienst nemen. De leden van vakbonden en werkgeversorganisaties zijn akkoord met de gemaakte afspraken.

Bouwend Nederland, de Aannemersfederatie Bouw en Infra Nederland, de Vereniging van Waterbouwers, WoningBouwersNL, FNV Bouwen & Wonen en CNV Vakmensen waren sinds begin maart met elkaar in gesprek. De berichten die daarover naar buiten kwamen, wisselden van toon en inhoud. Maar uiteindelijk zijn de partijen er betrekkelijk snel uitgekomen met nieuwe afspraken die van toepassing moeten worden op zo’n 110.000 mensen.

Looptijd en loonsverhoging

De werkgevers hadden ingezet op een looptijd van tenminste twee jaar. Zij zagen veel goede bedoelingen in eerdere cao’s in de praktijk stuklopen op korte looptijden. Die gewenste minimale looptijd is er ook gekomen. De nieuwe cao moet met terugwerkende kracht gaan gelden van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022.

Lees ook: Minister: tekort voor op peil houden infrastructuur groter dan gedacht

In die periode worden de lonen met 4,5 procent verhoogd. Dat gebeurt in twee stappen. Per 1 augustus 2021 krijgen werknemers er 1,5 procent bij en op 1 januari 2022 gaan de lonen met nog eens 3 procent omhoog. Daarnaast vindt er in december van dit jaar een eenmalige uitkering van 1 procent van het salaris plaats.

Diplomabonus

Het volgen van opleidingen wordt met de nieuwe cao gestimuleerd. Tegenover het afronden van een opleiding van niveau BBL 2, BBL 3 of BBL 4 staat een bruto diplomabonus van 2.500 euro. Deze wordt betaald vanuit het eigen vermogen uit het Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Bouw & Infra.

Verder wordt de duur voor het aanbieden van het aantal bepaalde tijdscontracten in lijn gebracht met de wet. Hierdoor wordt het aantrekkelijker voor de werkgever om mensen in dienst te nemen. En er zijn afspraken gemaakt over de zwaarwerkregeling voor UTA-medewerkers (uitvoerend, technisch en administratief personeel). UTA-medewerkers die een tijd als bouwplaatsmedewerker hebben gewerkt, kunnen gebruikmaken van deze regeling.

Daarnaast krijgen uitzendkrachten het recht op dezelfde reiskostenvergoeding als collega’s die onder de cao Bouw & Infra vallen. Werkgevers die oudere uitzendkrachten aannemen, krijgen bovendien een bonus van 5.500 euro bruto. Lees hier alle gemaakte afspraken.

‘Deze cao biedt perspectief’

George Raessens was bij de onderhandelingen voorman van de werkgeversdelegatie. De vice-voorzitter van Koninklijke Bouwend Nederland geeft aan dat de sector verder kan met de gemaakte afspraken. “Met deze tweejarige cao kan de Bouw & Infra blijven doorbouwen aan de belangrijke en dringende maatschappelijke opgaven van ons land. Meer woningbouw, het verduurzamen en klimaatbestendig maken van onze gebouwde omgeving en een betere mobiliteit. Deze cao biedt perspectief voor werkgevers én werknemers.”

Lees ook: Van Gelder wil verduurzamen in het juiste tempo

Ook onderhandelaar Arno Snellen van de Aannemersferedatie toont zich tevreden. “Een tweejarige cao geeft zowel werkgevers als werknemers zekerheid. Dit betekent dat partijen de komende twee jaar gezamenlijk verder kunnen werken aan een aantrekkelijke en veilige bouwplaats.” De cao is intussen algemeen verbindend verklaard, wat betekent dat iedereen in de sector zich er aan moet houden – ook bedrijven die geen lid zijn van de partijen die de afspraken hebben gemaakt.

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van Infrasite. Daarnaast is hij hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij online vakbladuitgeverij ProMedia.