Beter veiligheidssysteem nodig voor gasnetwerk

Den Haag – Essent Netwerk Noord, de beheerder van het Groningse gasdistributienetwerk waar op 27 maart 2003 een grote hoeveelheid gas uit lekte, heeft een onvoldoende ontwikkeld netwerkbeheerssysteem. Door het ontbreken van een dergelijk netwerkbeheersysteem heeft het bedrijf te weinig kennis van de risico’s die de constructie van het gasnetwerk met zich meebrengt. Bovendien is men onvoldoende in staat bij calamiteiten de juiste beheersmaatregelen te treffen. Dat concludeert de Raad voor de Transportveiligheid, onder voorzitterschap van mr. Pieter van Vollenhoven, in een vandaag verschenen rapport over de gasuitstroming in Groningen. Persoonlijke ongevallen of directe schade ontstonden niet. Wel moest het verkeersknooppunt Julianaplein geruime tijd worden afgesloten, omdat het meer dan twee uur duurde voordat de betreffende gasleiding kon worden afgesloten.

De lekkage ontstond door een breuk van een gietijzeren afsluiter in de hoge druk gasdistributieleiding. Vanwege het gevaar voor brand en/of explosie werd, zodra het lek was ontdekt, de omgeving afgesloten voor verkeer. Doordat niet exact bekend was hoe de gasleiding precies liep en waar de afsluiters zich bevonden, kostte het veel tijd alvorens men de gasttoevoer kon afsluiten.

De breuk van de afsluiter ontstond bij het uitvoeren van graafwerkzaamheden ten behoeve van de waterleiding, die ter plaatse op twee meter afstand van de gasleiding loopt. Deze potentieel gevaarlijke situatie was door Essent Netwerk Noord niet voldoende herkend en er waren geen maatregelen getroffen om de gasleiding te beveiligen tegen eventuele grondverschuivingen, als gevolg van de werkzaamheden. In de branche is algemeen bekend dat dergelijke gietijzeren afsluiters kwetsbaar zijn en in de nieuwste normen van 1994 zijn dergelijke afsluiters niet meer toegestaan. Deze kennis was echter nog niet verwerkt in het netwerkbeheersysteem van Essent Netwerk Noord. Ook waren de consequenties van de nieuwe norm voor oudere constructies van voor 1994 niet overdacht.

De Raad voor de Transportveiligheid richt een aanbeveling tot Essent Netwerk Noord, dat een functionerend veiligheids- en netwerkbeheersysteem moet implementeren, dat voldoet aan de stand der techniek.

Het rapport van het gasincident in Groningen is het zevende rapport van de Raad over ongevallen en incidenten met buisleidingen. Een opvallend punt bij dit onderzoek is opnieuw het niet in de praktijk toepassen van de door de branche zelf opgestelde normen en richtlijnen. Met name in een sector waarin het model van zelfregulering hoog in het vaandel staat, verwacht de Raad een groot respect voor de eigen normen. Gezien de, bij de zeven onderzoeken, geconstateerde gebrekkige naleving dringt de vraag zich steeds meer op wat de feitelijke waarde is van deze door de branche opgestelde normen en richtlijnen. De Raad voor de Transportveiligheid maakt zich dan ook zorgen over de veiligheid van het gasnetwerk in Nederland, als de branche aan de zelfregulering onvoldoende inhoud blijft geven.

Mede gezien het opnieuw ontbreken van een aantoonbare naleving van de door de branche opgestelde normen en richtlijnen wordt de Nederlandse gasnetbeheerders gevraagd op korte termijn aan te tonen dat het bestaande systeem van zelfregulering adequaat is om de veiligheid te waarborgen. De Nederlandse gasnetbeheerders moeten explicieter invulling geven aan hun eigen verantwoordelijkheid en zorgdragen voor een aantoonbare naleving van de door hen zelf opgestelde normen en richtlijnen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Nieuwsbericht Raad voor de Transportveiligheid

Beter veiligheidssysteem nodig voor gasnetwerk | Infrasite

Beter veiligheidssysteem nodig voor gasnetwerk

Den Haag – Essent Netwerk Noord, de beheerder van het Groningse gasdistributienetwerk waar op 27 maart 2003 een grote hoeveelheid gas uit lekte, heeft een onvoldoende ontwikkeld netwerkbeheerssysteem. Door het ontbreken van een dergelijk netwerkbeheersysteem heeft het bedrijf te weinig kennis van de risico’s die de constructie van het gasnetwerk met zich meebrengt. Bovendien is men onvoldoende in staat bij calamiteiten de juiste beheersmaatregelen te treffen. Dat concludeert de Raad voor de Transportveiligheid, onder voorzitterschap van mr. Pieter van Vollenhoven, in een vandaag verschenen rapport over de gasuitstroming in Groningen. Persoonlijke ongevallen of directe schade ontstonden niet. Wel moest het verkeersknooppunt Julianaplein geruime tijd worden afgesloten, omdat het meer dan twee uur duurde voordat de betreffende gasleiding kon worden afgesloten.

De lekkage ontstond door een breuk van een gietijzeren afsluiter in de hoge druk gasdistributieleiding. Vanwege het gevaar voor brand en/of explosie werd, zodra het lek was ontdekt, de omgeving afgesloten voor verkeer. Doordat niet exact bekend was hoe de gasleiding precies liep en waar de afsluiters zich bevonden, kostte het veel tijd alvorens men de gasttoevoer kon afsluiten.

De breuk van de afsluiter ontstond bij het uitvoeren van graafwerkzaamheden ten behoeve van de waterleiding, die ter plaatse op twee meter afstand van de gasleiding loopt. Deze potentieel gevaarlijke situatie was door Essent Netwerk Noord niet voldoende herkend en er waren geen maatregelen getroffen om de gasleiding te beveiligen tegen eventuele grondverschuivingen, als gevolg van de werkzaamheden. In de branche is algemeen bekend dat dergelijke gietijzeren afsluiters kwetsbaar zijn en in de nieuwste normen van 1994 zijn dergelijke afsluiters niet meer toegestaan. Deze kennis was echter nog niet verwerkt in het netwerkbeheersysteem van Essent Netwerk Noord. Ook waren de consequenties van de nieuwe norm voor oudere constructies van voor 1994 niet overdacht.

De Raad voor de Transportveiligheid richt een aanbeveling tot Essent Netwerk Noord, dat een functionerend veiligheids- en netwerkbeheersysteem moet implementeren, dat voldoet aan de stand der techniek.

Het rapport van het gasincident in Groningen is het zevende rapport van de Raad over ongevallen en incidenten met buisleidingen. Een opvallend punt bij dit onderzoek is opnieuw het niet in de praktijk toepassen van de door de branche zelf opgestelde normen en richtlijnen. Met name in een sector waarin het model van zelfregulering hoog in het vaandel staat, verwacht de Raad een groot respect voor de eigen normen. Gezien de, bij de zeven onderzoeken, geconstateerde gebrekkige naleving dringt de vraag zich steeds meer op wat de feitelijke waarde is van deze door de branche opgestelde normen en richtlijnen. De Raad voor de Transportveiligheid maakt zich dan ook zorgen over de veiligheid van het gasnetwerk in Nederland, als de branche aan de zelfregulering onvoldoende inhoud blijft geven.

Mede gezien het opnieuw ontbreken van een aantoonbare naleving van de door de branche opgestelde normen en richtlijnen wordt de Nederlandse gasnetbeheerders gevraagd op korte termijn aan te tonen dat het bestaande systeem van zelfregulering adequaat is om de veiligheid te waarborgen. De Nederlandse gasnetbeheerders moeten explicieter invulling geven aan hun eigen verantwoordelijkheid en zorgdragen voor een aantoonbare naleving van de door hen zelf opgestelde normen en richtlijnen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Nieuwsbericht Raad voor de Transportveiligheid