Werkvoorraad bouw met één tiende maand gedaald

De werkvoorraad voor de totale bouw is in november uitgekomen op 9,7 maanden werk, een daling van één tiende maand ten opzichte van oktober.

De werkvoorraad in de b&u kwam in november op uit 10,4 maanden werk en ligt daarmee op hetzelfde niveau als oktober. De orderportefeuilles in de woningbouw stegen met één tiende maand en kwamen uit op 10,9 maanden werk. Bij de utiliteitsbouw daalde de werkvoorraad met twee tiende maand naar 9,8 maanden werk.

De orderportefeuilles van wegenbouwbedrijven namen met vier tiende maand af naar 6,5 maanden werk. De werkvoorraad van grond- en waterbouwbedrijven kwam uit op 9,9 maanden werk, een daling van drie tiende maand. Voor de gww als geheel nam de werkvoorraad met drie tiende maand af naar 8,2 maanden werk.

Bijna vier op de tien bouwbedrijven gaf aan stagnatie te ondervinden in onderhanden werk. Bij b&u-bedrijven waren problemen in de personeelsvoorziening de belangrijkste oorzaak voor stagnatie, terwijl de bedrijven in de gww onvoldoende orders als belangrijkste oorzaak noemden.

De productie is bij ruim een derde van de bedrijven in de afgelopen drie maanden toegenomen. Daarnaast beoordeelden bijna vier op de tien bedrijven hun huidige orderpositie als groot. Bijna één op de tien bedrijven beoordeelde hun orderpositie als klein. Een kwart van de bouwbedrijven verwacht meer personeel aan te nemen in de komende drie maanden. Prijzen zullen in de komende drie maanden bij zes op de tien bouwbedrijven gaan stijgen.

Dit blijkt uit de conjunctuurmeting in de bouwnijverheid van december 2018 van het Economisch Instituut voor de Bouw. Deze meting wordt uitgevoerd in opdracht van de Europese Commissie. Aan de conjunctuurmeting verlenen ongeveer 225 hoofdaannemingsbedrijven met meer dan tien personeelsleden hun medewerking.

Klik hier voor het volledige persbericht.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB)