dijkversterking afsluitdijk
Doorbraak

‘Onderzoek naar dijkversterkingen bespaart 160 miljoen euro’

Foto ter impressie. De versterking van een deel van de Afsluitdijk in 2020. Rijkswaterstaat / Jan Wessels

Dijken op getijdenzand zijn minimaal 40 procent sterker dan dijken op rivierzand, blijkt uit de conclusie van een jarenlang onderzoek. Met dat inzicht kan minimaal 160 miljoen euro worden bespaard op het landelijke dijkversterkingsprogramma, zeggen Rijkswaterstaat en het waterschap Hollandse Delta.

Getijdenzand is zand dat door de zee wordt aangevoerd. In de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen is de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar het verschil tussen rivierzand en getijdenzand onder dijken. Volgens de uitkomsten van het onderzoek zijn dijken op getijdenzand minder vatbaar voor piping, oftewel de doorstroom van water onder een dijk. Dat maakt dijken op getijdenzand minimaal 40 procent sterker dan dijken op rivierzand, aldus Rijkswaterstaat en het waterschap Hollandse Delta.

De beheerders zeggen dat de resultaten van het onderzoek minimaal 160 miljoen euro kunnen schelen voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma, dat landelijk geld beschikbaar maakt voor dijkversterkingen. Dijken worden nu ontworpen en beoordeeld met rekenregels gebaseerd op rivierzand. De onderzoeksresultaten zouden aantonen dat dijkversterkingen minder vaak nodig zijn dan eerder gedacht.

Een aantal dijken langs de Noordzeekust, rond het IJsselmeer en in het Waddengebied hoeft minder of helemaal niet verzwaard te worden, zegt het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Voor waterschap Hollandse Delta, dat over de dijken op de Zuid-Hollandse eilanden gaat, betekent de uitkomst van het onderzoek dat 8,2 kilometer dijkversterking niet meer nodig is. Over circa 90 kilometer dijk kunnen minder ingrijpende en kostbare maatregelen worden genomen, denkt dijkgraaf Jan Bonjer.

Ook in België, Duitsland en de VS

Erik Wagener, directeur van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, noemt de uitkomst van het onderzoek ‘ontzettend belangrijk’. “Dijkversterking drijft op innovatie. Nederland staat voor de grootste waterveiligheidsoperatie sinds de deltawerken. Innovaties als deze maken het verschil bij het behalen van onze dijkversterkingsopgave in Nederland, want werken aan waterveiligheid is nooit af.” Ook in bijvoorbeeld België, Duitsland en de Mississippidelta kan van deze ontdekking worden geprofiteerd, zegt de dienst.

Het bouwen van dijken die langer meegaan is een van de manieren om uitstoot te verminderen in de waterbouw. Andere manieren worden uitgebreid besproken op de Dag van de Infra, een congres van Infrasite.nl en SpoorPro.nl op 23 mei in De Doelen, Rotterdam. Experts uit de branche geven lezingen over de verduurzaming van baggerwerk, waterkeringen en meer. Bezoek de website van het congres voor meer informatie en inschrijvingen. 

Lees ook:

Auteur: Geert van der Klugt

Bron: ANP

Journalist en redacteur voor Infrasite.

‘Onderzoek naar dijkversterkingen bespaart 160 miljoen euro’ | Infrasite
dijkversterking afsluitdijk
Doorbraak

‘Onderzoek naar dijkversterkingen bespaart 160 miljoen euro’

Foto ter impressie. De versterking van een deel van de Afsluitdijk in 2020. Rijkswaterstaat / Jan Wessels

Dijken op getijdenzand zijn minimaal 40 procent sterker dan dijken op rivierzand, blijkt uit de conclusie van een jarenlang onderzoek. Met dat inzicht kan minimaal 160 miljoen euro worden bespaard op het landelijke dijkversterkingsprogramma, zeggen Rijkswaterstaat en het waterschap Hollandse Delta.

Getijdenzand is zand dat door de zee wordt aangevoerd. In de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen is de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar het verschil tussen rivierzand en getijdenzand onder dijken. Volgens de uitkomsten van het onderzoek zijn dijken op getijdenzand minder vatbaar voor piping, oftewel de doorstroom van water onder een dijk. Dat maakt dijken op getijdenzand minimaal 40 procent sterker dan dijken op rivierzand, aldus Rijkswaterstaat en het waterschap Hollandse Delta.

De beheerders zeggen dat de resultaten van het onderzoek minimaal 160 miljoen euro kunnen schelen voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma, dat landelijk geld beschikbaar maakt voor dijkversterkingen. Dijken worden nu ontworpen en beoordeeld met rekenregels gebaseerd op rivierzand. De onderzoeksresultaten zouden aantonen dat dijkversterkingen minder vaak nodig zijn dan eerder gedacht.

Een aantal dijken langs de Noordzeekust, rond het IJsselmeer en in het Waddengebied hoeft minder of helemaal niet verzwaard te worden, zegt het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Voor waterschap Hollandse Delta, dat over de dijken op de Zuid-Hollandse eilanden gaat, betekent de uitkomst van het onderzoek dat 8,2 kilometer dijkversterking niet meer nodig is. Over circa 90 kilometer dijk kunnen minder ingrijpende en kostbare maatregelen worden genomen, denkt dijkgraaf Jan Bonjer.

Ook in België, Duitsland en de VS

Erik Wagener, directeur van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, noemt de uitkomst van het onderzoek ‘ontzettend belangrijk’. “Dijkversterking drijft op innovatie. Nederland staat voor de grootste waterveiligheidsoperatie sinds de deltawerken. Innovaties als deze maken het verschil bij het behalen van onze dijkversterkingsopgave in Nederland, want werken aan waterveiligheid is nooit af.” Ook in bijvoorbeeld België, Duitsland en de Mississippidelta kan van deze ontdekking worden geprofiteerd, zegt de dienst.

Het bouwen van dijken die langer meegaan is een van de manieren om uitstoot te verminderen in de waterbouw. Andere manieren worden uitgebreid besproken op de Dag van de Infra, een congres van Infrasite.nl en SpoorPro.nl op 23 mei in De Doelen, Rotterdam. Experts uit de branche geven lezingen over de verduurzaming van baggerwerk, waterkeringen en meer. Bezoek de website van het congres voor meer informatie en inschrijvingen. 

Lees ook:

Auteur: Geert van der Klugt

Bron: ANP

Journalist en redacteur voor Infrasite.