Grondverzet Breda

PFAS-aanpak ministerie schoot tekort; norm laat op zich wachten

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft de nodige steken laten vallen bij de totstandkoming van het tijdelijk handelingskader PFAS. Zo nam de overheid aanvankelijk te weinig regie en ook liet de communicatie met overheden en bedrijfsleven te wensen over. Daardoor was voor de branche niet duidelijk welke ruimte er nog was voor grondverzet, bouw- en baggerwerkzaamheden. De definitieve PFAS-norm komt pas komend voorjaar, laat staatssecretaris Van Veldhoven weten. De branche komt met een voorstel om dat eerder mogelijk te maken.

PFAS (een afkorting van poly- en perfluoralkylstoffen) is een verzamelnaam voor een grote groep chemische stoffen die door decennialange industriële toepassingen inmiddels overal verspreid in het milieu zitten. Hoewel al langer bekend is dat die stoffen schadelijk kunnen zijn, was er tot voor kort geen definitieve toepassingsnorm. Vooruitlopend op een definitieve norm kwam het ministerie in juli vorig jaar met een tijdelijk handelingskader PFAS om duidelijk te maken wat wel en niet mocht.

Evaluatie

Daarbij ging veel mis, stelt ABDTOPConsult, dat een evaluatie heeft uitgevoerd van de totstandkoming van het tijdelijk handelingskader PFAS. De Tweede Kamer had daarom gevraagd.

Onder meer door de gevoelde tijdsdruk was er was onvoldoende afstemming met de sector, waardoor niet duidelijk was wat voor soort werkzaamheden door konden gaan. Daardoor vielen projecten onnodig stil. Na protest uit de sector, publiciteit en aandacht van de Tweede Kamer werden de problemen aangepakt en kwam er in december 2019 een geactualiseerde versie, met daarin een verruiming van de normen. Daarbij werd beter gelet op de communicatie met decentrale overheden in de sector. Die reageerde daar dan ook positief op.

Lering

In een reactie op de evaluatie erkent staatssecretaris Stientje van Veldhoven in een brief aan de Tweede Kamer dat de PFAS-aanpak  “op punten beter had gemoeten”, zoals de communicatie met gemeenten, waterschappen, provincies en de sector. “Het beeld ontstond helaas dat de toepassing van grond en baggerspecie met meer dan 0,1 microgram PFAS per kilogram (de bepalingsgrens) niet was toegestaan, terwijl het juist mogelijk werd gemaakt om toe te passen tot de aanwezige achtergrondwaarde.” Ze schrijft lering te trekken uit het rapport en de aanbevelingen van de onderzoekers op te volgen. Dit voorjaar verwacht Van Veldhoven met een definitief normenkader voor PFAS te komen.

Ondernemersorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland hebben laten weten zich gesteund te voelen door de evaluatie van de totstandkoming van de PFAS-regels. “Het bevestigt hoe belangrijk goede afstemming met het bedrijfsleven is bij het maken van nieuwe wet- en regelgeving”, aldus de twee organisaties.

Oplossingen niet opgevolgd

Ook de Vereniging van Waterbouwers herkent zich in de aanbevelingen en conclusies van het rapport. Tegelijkertijd waarschuwt de organisatie dat alle problemen nog niet opgelost zijn, ook al is de communicatie verbeterd. “Veel oplossingen die vanuit het bedrijfsleven zijn aangedragen zijn nog niet opgevolgd. Daardoor blijven wij nog steeds onnodig geconfronteerd worden met uiteenlopende regels als het gaat om het verplaatsen van grond en bagger”, stelt de vereniging in een reactie.

Uitstel van de definitieve besluitvorming noemt de koepel “een grote bron van ergernis”. De vereniging kondigt aan samen met andere brancheorganisaties met een voorstel te komen voor de aanpak van de PFAS-crisis. “Indien de staatssecretaris deze handreiking overneemt, dan verwachten wij dat dit nog voor het eind van dit jaar wettelijk kan worden verankerd.”

‘Het had anders gekund’

Cumela ziet in het rapport de eigen ervaring bevestigd. Uit een reactie op hun website blijkt dat de brancheorganisatie maar matig enthousiast is met de uitleg van Van Veldhoven. “Achteraf had het zo niet moeten en hoeven gaan,” concludeert Gerben Zijlstra, beleidsmedewerker bodem. “En het duurde wel heel lang totdat de staatssecretaris tot dezelfde conclusie kwam. Het is jammer dat het maanden heeft moeten duren voor we op een serieuze manier met het ministerie in gesprek kwamen.”

Auteur: Redactie Infrasite