Werk aan de straat

Zo werkt de diplomabonus van 2.500 euro voor infrawerknemers

De cao Bouw & Infra is uitgebreid met het artikel over de diplomabonus van 2.500 euro. Werknemers die tussen 1 september 2021 en dezelfde datum in 2023 hun opleiding BBL 2, 3 of 4 afronden, komen voor de bonus in aanmerking. Daar zijn uiteraard wel voorwaarden aan verbonden. 

De nieuwe cao werd eerder dit jaar al afgesloten en toen was ook al bekend dat de diplomabonus er onderdeel van zou worden. Die afspraken moesten echter nog worden uitgewerkt en dat lukte niet voordat de gedrukte versie van de cao werd verspreid. De diplomabonus is wel onlangs verwerkt in de digitale versie van de cao.

De subsidie is bedacht om te stimuleren dat studenten in de bouw en infra niet alleen aan hun opleiding beginnen, maar deze ook afmaken. Dat is namelijk de belangrijkste voorwaarde om de bonus van 2.500 euro bruto te krijgen. Het gaat dan specifiek om een opleiding beroepsbegeleidende leerweg (BBL) op niveau 2, 3 of 4 waarvoor het diploma tussen 1 september 2021 en 1 september 2023 moet zijn behaald.

Afspraken over volgen opleiding

Kennis- en adviescentrum Volandis voert de regeling uit en geeft ook uitleg over de criteria. De werkgever kan de bonus van 2.500 euro uitkeren aan werknemers die in de genoemde periode hun papiertje behalen. Het gaat om opleidingen in drie domeinen: bouw & infra, techniek & procesindustrie en afbouw, hout & onderhoud. De opleiding moet zijn gevolgd bij de werkgever die de subsidie aanvraagt en daar moeten ook afspraken over op papier staan. Verder moet er tijdens de BBL-opleiding tenminste zes maanden een arbeidsovereenkomst tussen het bedrijf en de medewerker zijn geweest.

Binnen zes maanden aanvragen

Deze voorziet ook in dekking van de kosten voor werkgevers die de bonus uitbetalen. Daarom is de hoogte van elke uitgekeerde diplomabonus 2.900 euro, waarvan 2.500 gaat naar de werknemer die zijn of haar diploma heeft behaald. De subsidie moet wel binnen zes maanden na het halen van dat papiertje worden aangevraagd, anders vervalt het recht op subsidie. De werkgever moet aantonen dat de medewerker in kwestie recht op de bonus heeft. Daarom is deze verplicht om inzage te geven in relevante documenten, zodat kan worden gecontroleerd of alles volgens de regels is verlopen.

Er zijn nog wat andere voorwaarden aan de regeling voor de diplomabonus verbonden. Zo kan het uitgekeerde bedrag worden teruggevorderd als blijkt dat de subsidie ten onrechte is uitgekeerd. Ook kunnen belanghebbenden bezwaar maken tegen het toekennen van de subsidie. Deze en andere voorwaarden zijn door Volandis in een document op een rij gezet.

Lees ook:

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van Infrasite. Daarnaast is hij hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij online vakbladuitgeverij ProMedia.

Zo werkt de diplomabonus van 2.500 euro voor infrawerknemers | Infrasite
Werk aan de straat

Zo werkt de diplomabonus van 2.500 euro voor infrawerknemers

De cao Bouw & Infra is uitgebreid met het artikel over de diplomabonus van 2.500 euro. Werknemers die tussen 1 september 2021 en dezelfde datum in 2023 hun opleiding BBL 2, 3 of 4 afronden, komen voor de bonus in aanmerking. Daar zijn uiteraard wel voorwaarden aan verbonden. 

De nieuwe cao werd eerder dit jaar al afgesloten en toen was ook al bekend dat de diplomabonus er onderdeel van zou worden. Die afspraken moesten echter nog worden uitgewerkt en dat lukte niet voordat de gedrukte versie van de cao werd verspreid. De diplomabonus is wel onlangs verwerkt in de digitale versie van de cao.

De subsidie is bedacht om te stimuleren dat studenten in de bouw en infra niet alleen aan hun opleiding beginnen, maar deze ook afmaken. Dat is namelijk de belangrijkste voorwaarde om de bonus van 2.500 euro bruto te krijgen. Het gaat dan specifiek om een opleiding beroepsbegeleidende leerweg (BBL) op niveau 2, 3 of 4 waarvoor het diploma tussen 1 september 2021 en 1 september 2023 moet zijn behaald.

Afspraken over volgen opleiding

Kennis- en adviescentrum Volandis voert de regeling uit en geeft ook uitleg over de criteria. De werkgever kan de bonus van 2.500 euro uitkeren aan werknemers die in de genoemde periode hun papiertje behalen. Het gaat om opleidingen in drie domeinen: bouw & infra, techniek & procesindustrie en afbouw, hout & onderhoud. De opleiding moet zijn gevolgd bij de werkgever die de subsidie aanvraagt en daar moeten ook afspraken over op papier staan. Verder moet er tijdens de BBL-opleiding tenminste zes maanden een arbeidsovereenkomst tussen het bedrijf en de medewerker zijn geweest.

Binnen zes maanden aanvragen

Deze voorziet ook in dekking van de kosten voor werkgevers die de bonus uitbetalen. Daarom is de hoogte van elke uitgekeerde diplomabonus 2.900 euro, waarvan 2.500 gaat naar de werknemer die zijn of haar diploma heeft behaald. De subsidie moet wel binnen zes maanden na het halen van dat papiertje worden aangevraagd, anders vervalt het recht op subsidie. De werkgever moet aantonen dat de medewerker in kwestie recht op de bonus heeft. Daarom is deze verplicht om inzage te geven in relevante documenten, zodat kan worden gecontroleerd of alles volgens de regels is verlopen.

Er zijn nog wat andere voorwaarden aan de regeling voor de diplomabonus verbonden. Zo kan het uitgekeerde bedrag worden teruggevorderd als blijkt dat de subsidie ten onrechte is uitgekeerd. Ook kunnen belanghebbenden bezwaar maken tegen het toekennen van de subsidie. Deze en andere voorwaarden zijn door Volandis in een document op een rij gezet.

Lees ook:

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van Infrasite. Daarnaast is hij hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij online vakbladuitgeverij ProMedia.