Conjunctuurmeting bouwnijverheid maart 2005

Amsterdam – De hevige sneeuwval begin maart 2005 zorgde in de grond-, water- en wegenbouw voor de nodige hinder ten aanzien van de voortgang van de werkzaamheden. Dit geldt met name voor de wegenbouw waar ruim een derde van de bedrijven stagnatie van het onderhanden werk ondervond vanwege het winterweer. De burgerlijke- en utiliteitsbouw had aanzienlijk minder last van de sneeuw. In deze sector wordt als belangrijkste stagnatieoorzaak het uitblijven van orders genoemd.

Eind maart 2005 vindt 20% van bedrijven in de b&u de werkvoorraad klein in verhouding tot de omvang van het bedrijf; 16% vindt de werkvoorraad groot. In de gww beoordeelt 34% van de bedrijven het onderhanden werk als klein, terwijl 7% dit als groot beoordeelt.
De bouwbedrijven zijn per saldo positief over de te verwachten ontwikkelingen van het personeel. In de b&u denkt 20% van de bedrijven dat het personeelsbestand de komende maanden zal groeien; 5% verwacht een juist daling van het aantal personeelsleden. In de gww is het saldo echter nog net negatief; hier verwacht 10% een inkrimping van de personeelsbezetting tegenover 9% dat een stijging verwacht.

Ook in hun oordeel over de te verwachten prijsontwikkeling zijn de bedrijven per saldo positief. Van de bedrijven in de gww verwacht 6% dat de afzetprijzen de komende maanden zullen stijgen, slechts 1% denkt aan een prijsdaling. Opvallend is dat in de wegenbouw zelfs geen enkel bedrijf een daling van de afzetprijzen verwacht. In de b&u verwacht 15% van de bedrijven een prijsstijging en ook hier verwacht slechts 1% een prijsdaling.

In maart 2005 is de omvang van de orderportefeuille in de bouwnijverheid gelijk gebleven aan het niveau van vorige maand; 7,2 maanden. Figuur 1 laat zien dat de omvang van de orderportefeuille ook in de b&u op hetzelfde niveau ligt als een maand eerder (7,8 maanden). In de gww nam de orderportefeuille echter licht af en wel met 0,1 maand tot 4,5 maanden (zie figuur 2). Dit wordt veroorzaakt door een afname van de orderportefeuille in de wegenbouw; deze slonk met 0,2 maand tot 4,4 maanden.

Deze gegevens blijken uit de conjunctuurmeting in de bouwnijverheid van maart 2005 van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid. Deze meting wordt uitgevoerd in opdracht van de Europese Commissie. Aan de conjunctuurmeting verlenen ruim 400 hoofdaannemingsbedrijven met meer dan tien personeelsleden hun medewerking.