Rijnbrug. Foto: provincie Gelderland

Verbreding Rijnbrug wordt 65 miljoen euro duurder en gaat mogelijk niet door

De verbreding van de Rijnbrug tussen Gelderland en Utrecht wordt zeker 65 miljoen euro duurder dan de 80 miljoen euro die eigenlijk is begroot. De provincie Gelderland vraagt zich dan ook af of de verbreding van de brug bij Rhenen überhaupt wel door moet gaan. Daarin spelen ook onder meer de stikstofkwestie en de zwakke gesteldheid van drie brugpijlers een rol.

Het verkeer op de Rijnbrug tussen Gelderland en Utrecht loopt tijdens de spitsuren vast. Beide provincies besloten daarom voor meer capaciteit te gaan middels een nieuw brugdek en 2×2 rijbanen op de bestaande brugpijlers. Ze stelden daar 80 miljoen euro voor beschikbaar, met een marge van 15 procent om onvoorziene extra kosten op te vangen.

Dat die 15 procent niet zou voldoen, bleek al eerder dit jaar. Toen werd geschat dat de kosten voor het aanpassen van de brug zouden oplopen met 26 tot 48 miljoen euro. Inmiddels was ook duidelijk dat het project voor onbepaalde tijd werd vertraagd vanwege onduidelijkheden over de stikstofuitstoot van wegenbouwprojecten en wegen. Die vertraging werd aangegrepen voor nader onderzoek naar de hogere kosten. Met als uitkomst dat die nog eens flink hoger uitvallen: niet 26 of 48 miljoen meer, maar 65 miljoen euro – en wellicht een nóg hoger bedrag.

Rijk gaat portemonnee niet trekken

In de afgelopen maanden zijn verschillende opties bekeken om het budget voor de brugverbreding binnen de perken te houden. Omdat het ontwerp al sober is, bood verder versoberen weinig kansen. Een extra financiële bijdrage van het Rijk zit er eveneens niet in. Mogelijk is btw op de brug die eerder niet compensabel was dat uiteindelijk toch en dat gaat om een bedrag van zo’n 15 miljoen euro. Dit wordt nog uitgezocht, maar er wordt voorlopig van uitgegaan dat deze btw-compensatie er niet gaat komen.

Er is ook gekeken naar de aanwezigheid van de kankerverwekkende stof chroom 6 in de brug. Dat zit onder meer in verf die de laatste decennia op veel civiele kunstwerken is gebruikt. Net als bij een eerder onderzoek werden die sporen niet aangetroffen. Zou dat wel zijn gebeurd, dan zou dit tot extra kosten kunnen leiden tijdens de verbreding. Dit lijkt dus een kleine meevaller, maar de provincie Gelderland durft toch niet helemaal uit te sluiten dat er op enig moment toch sporen van chroom 6 in de brug worden aangetroffen.

Pijlers moeten mogelijk versterkt worden

Een grote tegenvaller wordt gevormd door de bestaande brugpijlers. Die moeten namelijk de nieuwe stalen bovenbouw gaan dragen. “De draagkracht en de gesteldheid van de bestaande pijlers vormen een risico en daarom zijn deze nader onderzocht. Dit onderzoek heeft opgeleverd dat er drie pijlers mogelijk versterkt moeten worden voor het nieuwe brugdek. Hiervoor zal een aanvullend bedrag opgenomen worden in de nieuwe kostenraming”, aldus de Statenbrief over de brugverbreding.

De brug valt dus 65 miljoen duurder uit dan de 80 miljoen euro die er eigenlijk voor is vrijgemaakt. En daar blijft het mogelijk niet bij door tal van onzekere factoren, zoals de sterkte van de brugpijlers, de onzekerheid door de stikstofkwestie en hogere indexatiekosten door de vertraging van het project. Gedeputeerde Staten van Gelderland vraagt zich daarom af of het project nog wel door moet gaan. De opties worden de komende tijd samen met de provincie Utrecht en andere belanghebbenden onderzocht. Voor het eind van 2021 moet de knoop over de verbreding van de Rijnbrug worden doorgehakt.

Lees ook:

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van Infrasite. Daarnaast is hij hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij online vakbladuitgeverij ProMedia.