RWS en TU Delft slaan handen ineen voor weg van de toekomst

Rijkswaterstaat en de TU Delft slaan de handen ineen om de noodzakelijke, wetenschappelijke kennis te ontwikkelen om straks de weg van de toekomst aan te kunnen leggen.

Beide organisaties financieren ontwikkeltrajecten, zogenoemde tenure tracks, voor twee talentvolle wetenschappers. Zij gaan zich toeleggen op het onderzoeken van innovaties. Het gaat vooral om het hergebruik van afval als bouwmateriaal en hoe deze innovaties het meest efficiënt kunnen worden ingepast in het onderhoud van wegen. Ook werken beide organisaties samen rond de nieuwe leerstoel Subsurface Engineering.

Jonge wetenschappers kunnen dankzij deze overeenkomst een vijfjarige tenure track doorlopen, waarin ze een eigen vakgebied binnen wegbouwkunde ontwikkelen. Dit kan uiteindelijk leiden tot een vaste aanstelling aan de universiteit en eventueel een eigen onderzoeksgroep.

Een tenure track is daarmee een ideaal middel om kennis rond nieuwe ontwikkelingen op te bouwen. Het levert een versnelde ontwikkeling van een vakgebied op, met uitzicht op praktische toepassing van de opgedane kennis. Ze borgt de continuïteit van de opgedane kennis die niet alleen relevant voor Rijkswaterstaat is maar ook interessant voor het bedrijfsleven.. Het is voor het eerst dat Rijkswaterstaat een tenure track mee financiert.

“De tenure tracks zijn bedoeld om wetenschappelijk onderzoek te doen en de bestaande kennis uit te breiden. De weg van de 21ste eeuw moet voldoen aan veel eisen. Hij moet onderhoudsarm zijn, goedkoper, en minder geluidsoverlast opleveren. Hoewel Nederland behoorlijk voorop loopt met betrekking tot recycling van wegen proberen we de lat steeds hoger te leggen. Zo willen we onderzoeken of wegen nog duurzamer kunnen worden, onder meer door het hergebruik van andere afvalstromen. Dit stelt hoge eisen aan de gebruikte materialen en technologieën”, zegt adviseur Rob Hofman, die bij Rijkswaterstaat de tenure tracks begeleidt.

Tenure tracks voor weg van 21ste eeuw
Binnen een tenure track wordt onder meer gekeken welk hergebruikt materiaal in wegconstructies kan worden gebruikt. Wegbouwmaterialen moeten in ons land aan speciale eisen voldoen, aangezien Nederland dichtbevolkt is, met veel verkeer en slappe en variabele bodems. Enkele vragen die aan de orde kunnen komen: welke combinatie van materialen is geschikt voor Nederlandse wegen, in welke mate zijn bestaande en nieuwe materialen eeuwig recyclebaar en hoe kunnen we innovaties integreren in bestaande infrastructuur? En kunnen we straks wegen maken zonder olie als grondstof?

Slim beheer van innovatieve wegen
De andere tenure track richt zich op de vraag hoe assetmanagement, van onder meer Rijkswaterstaat, een bijdrage kan leveren aan het sluiten van kringlopen. Hierbij valt te denken aan het actiever benutten, een slimmer beheer en het gebruik van slimmere materialen, zoals asfalt dat langer meegaat.

Bij de TU Delft is het bestaande onderwijs- en onderzoeksprogramma wegbouwkunde vooral gericht op het experimenteel en modelmatig karakteriseren van wegenbouwmaterialen op alle schalen en het ontwerp en onderhoud van de verschillende soorten wegverhardingen.

Promotieonderzoeken richten zich onder meer op het verouderings- en (self-) healing-gedrag van asfaltmengsels en op het verjongen en hergebruiken van asfalt. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar verschillende technieken voor het stabiliseren van grond en naar het ontwerpen, analyseren en aanleggen van wegen. De nieuwe tenure tracks vormen hier een mooie aanvulling op.

Leerstoel Subsurface Engineering
Naast beide tenure tracks, is er aan de TU Delft een leerstoel in het leven geroepen voor Subsurface Engineering. Deze leerstoel wordt medegefinancierd door Deltares en Rijkswaterstaat en is een gecombineerde voortzetting van de leerstoel Funderingstechniek en de leerstoel Ondergronds bouwen. Deze nieuwe leerstoel is belangrijk voor Nederland, met zijn typische bodemstructuur. Professor Ken Gavin is sinds april dit jaar hoogleraar Subsurface Engineering. “In deze rol zet ik mijn werk voort op het gebied van funderingen, risico’s in relatie tot funderingen en tunnels, de interactie tussen de verschillende bodemstructuren en het ontwerp van diepe opgravingen.”

Borging in onderwijs
Deze nauwe samenwerking tussen Rijkswaterstaat en de TU Delft als strategische kennispartners past in de reeds langlopende goede relatie tussen beide organisaties. Voor Rijkswaterstaat gaat het belang van deze samenwerking verder dan alleen internationaal toonaangevend onderzoek en kennisontwikkeling. Het is ook van belang dat op deze manier de uitdagingen waar Rijkswaterstaat voor staat en komt te staan zichtbaar worden in het onderwijs en zijn weg vinden naar de zittende en toekomstige professionals binnen en buiten Rijkswaterstaat.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat