Tweede Coentunnel: afzinken laatste tunnelelement op 3 mei

scheepvaart op Noordzeekanaal gestremd

Drie van de vier tunnelelementen van de Tweede Coentunnel liggen nu op hun plaats. Op dinsdag 3 mei 2011 wordt het vierde en tevens laatste tunnelelement afgezonken. Het Noordzeekanaal ter hoogte van de bestaande Coentunnel is tijdens het afzinken van het vierde element tussen dinsdag 3 mei 06.00 uur tot woensdag 4 mei 06.00 uur gestremd voor alle scheepvaart.

Het vierde tunnelelement komt tussen het derde tunnelelement en de zuidelijke toerit van de Tweede Coentunnel te liggen. De komende maanden vinden diverse afbouwwerkzaamheden plaats om de tunnel ruwbouw gereed te krijgen.

De beroepsscheepvaart is geïnformeerd via de reguliere scheepvaartinformatie. Gebruikers van het Noordzeekanaal worden via (matrix) borden op de hoogte gebracht van de stremmingen. Rijkswaterstaat adviseert de recreatievaart zich voor afvaart te informeren over de actuele stand van zaken via www.rijkswaterstaat.nl/tweedecoentunnel. Jachthavens en watersportverenigingen in Noord- en Zuid-Holland en Utrecht zijn door Rijkswaterstaat op de hoogte gesteld van de werkzaamheden en de stremmingen.

Afzinken vierde tunnelelement
Dinsdag 3 mei om 05.00 uur wordt het vierde element (TE1) met sleepboten en een duwboot uit de Coenhaven gesleept en naar de zogenaamde fuikconstructie aan de zuidzijde van het Noordzeekanaal gevaren. Deze fuikconstructie is een afzinksleuf tussen twee damwanden. In deze sleuf zijn grote betontegels geplaatst (7×7 meter) waarop het element na het afzinken met de achterzijde (naar het zuiden wijzend) tijdelijk komt te rusten. Hiervoor zijn in het tunnelelement twee zware hydraulische vijzelpennen gemonteerd. Tijdens het afzinken houden afzinkpontons en -containers het tunnelelement stabiel. Met behulp van lieren wordt het element langzaam en gecontroleerd afgezonken naar de juiste positie. Het afzinken van de elementen is precisiewerk. Door het manoeuvreren in de fuikconstructie en het pas later kunnen aanbrengen van de benodigde equipment, duurt de afzinkprocedure langer dan die van de voorgaande twee tunnelelementen.

Om het tunnelelement te laten zinken, worden de ballasttanks in het tunnelelement langzaam en opeenvolgend gedoseerd volgepompt met water. Om de juiste positionering van het element te krijgen, gebruikt de aannemer geavanceerde meetapparatuur. Als het element uiteindelijk op de juiste positie is gekomen, trekken vijzels het element tegen de noordelijke toerit van de Tweede Coentunnel. Dit is het moment dat de rubberen tunnelafdichting (Gina profiel) zijn functie uitoefent. Het element staat dan al definitief op de twee hydraulische vijzelpoten. Tussen de onderkant van het afgezonken element en de waterbodem is een kleine ruimte van ongeveer een halve meter. Deze ruimte wordt opgevuld met een zandlaag. Deze vormt de definitieve fundering van het tunnelelement. Het opvullen met een zandlaag noemt men onderspoelen.

Nadat het water tussen de twee kopschotten – ruimte tussen de toerit en het element – verwijderd is, kunnen de waterdichte deuren in de kopschotten worden geopend. Een laatste landmeetkundige controle op de positie van het element kan dan vanuit de noordelijke toerit beginnen.

Met de aanleg van de Tweede Coentunnel en Westrandweg zorgt Rijkswaterstaat voor een betere bereikbaarheid van de Noordelijke Randstad en een betere ontsluiting van het Westelijk Havengebied van Amsterdam. Nadat de Tweede Coentunnel en Westrandweg in 2013 gereed zijn, wordt de bestaande Coentunnel gerenoveerd. In 2014 is het volledige tracé open voor het verkeer.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Rijkswaterstaat Dienst Noord-Holland