Beveiligingsvoorschriften vervoer gevaarlijke stoffen

Zoetermeer – Op 1 juli 2005 worden de Nederlandse beveiligingsvoorschriften voor het vervoer van gevaarlijke stoffen definitief van kracht. Vanaf die datum krijgen bedrijven die gevaarlijke stoffen vervoeren over weg, via het spoor en per binnenvaart te maken met nieuwe regels voor bescherming tegen terroristische aanslagen en vandalisme. Een van de consequenties daarvan is dat tenminste 5.000 bedrijven op 1 juli een beveiligingsplan moeten hebben opgesteld. Uit navraag door EVO blijkt dat veel bedrijven nog niet op de hoogte zijn van deze nieuwe wettelijke verplichting.

De Inspectie Verkeer en Waterstaat heeft aangekondigd om vanaf de definitieve invoering te gaan controleren op naleving van de regels. Indien bij controle blijkt dat bedrijven niet beschikken over een uitgewerkt veiligheidsplan, kan de inspectie een boete van enkele duizenden euro’s opleggen.

De nieuwe verplichtingen schrijven voor dat bedrijven het beveiligingsplan regelmatig moeten testen en dat zij informatie over het vervoer van gevaarlijke stoffen moeten beveiligen. Het beveiligingsplan moet met name aandacht besteden aan zaken zoals het vergroten van beveiligingsbewustzijn bij en trainen van personeel, opstellen van bedrijfsprocedures en de aanschaf van beveiligingsapparatuur. Desondanks is het voor veel bedrijven niet duidelijk of zij onder deze verplichting komen te vallen en hoe zij een effectief beveiligingsplan moeten opstellen.

De voorschriften maken onderscheid tussen meer en minder gevaarlijke stoffen. Het gaat voor wat betreft de meer gevaarlijke stoffen onder andere om brandbare vloeistoffen, brandbare en giftige gassen en giftige en bijtende stoffen. Met name voor bedrijven die te maken hebben met deze meer gevaarlijke stoffen leveren de nieuwe bepalingen de nodige verplichtingen op. EVO zal haar leden desgevraagd adviseren over hoe zij op de meest effectieve wijze een beveiligingsplan kunnen opstellen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: EVO