Project Opwaardering vaarroute Veghel-Eindhoven afgrond

Brabantse bedrijven steeds beter bereikbaar via vaarwegen

Rijkswaterstaat heeft de vaarroute tussen Veghel en Eindhoven geschikt gemaakt voor langere schepen.

Daarmee is de opwaardering afgerond van de vaarroute die gaat via de Zuid-Willemsvaart, het Wilhelminakanaal en het Beatrixkanaal. Hierdoor kan er meer vervoer over water plaatsvinden. Dit is tot stand gekomen in samenwerking met de provincie Noord-Brabant, de gemeenten Eindhoven, Veghel, Laarbeek, Son en Breugel, het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven, het regionale bedrijfsleven in Zuidoost-Brabant en MCA Brabant. Het beter benutten van de vaarweg is niet alleen van groot belang voor de bereikbaarheid van Zuidoost-Brabant over water, maar ook voor de afname van de files op de wegen, voor de economische bedrijvigheid in de regio en voor een verbetering van de luchtkwaliteit.

Schepen 2x langer
De schepen die voortaan gebruik kunnen maken van de vaarroute Veghel-Eindhoven zijn koppelverbanden van 110 meter die 900 ton mogen vervoeren. Voorheen was de route geschikt voor schepen van maximaal 63 meter met een laadvermogen van 550 ton. Het toegestane laadvermogen in de Brabantse kanalen is hierdoor nagenoeg verdubbeld.

36 vrachtwagens per schip
Een groter schip (Klasse II – Koppelverband) vervoert een vracht van maar liefst 36 vrachtwagens. Zestien watergebonden bedrijven in Brabant (BERZOB) spannen zich in om steeds meer vracht over het water te vervoeren. De intentie in 2012 was om op termijn dagelijks zo’n 460 vrachtauto’s van de weg naar het water te kunnen halen. Dat scheelt aanzienlijk aan drukte op het wegennet. Inmiddels hebben de bedrijven circa 90 vrachtwagens per dag van de weg gehaald door meer goederen over te slaan direct vanaf hun locatie. Verder hebben zij circa 120 vrachtwagens extra van de weg gehaald via de containerterminals in Veghel en Tilburg. Het eerste schip is omgebouwd naar koppelverband en in oktober 2015 in de vaart genomen. Of de ambitie door de bedrijven kan worden gehaald, hangt af van economische ontwikkelingen. Daarnaast zijn er ook kansen om nieuwe stromen via water te vervoeren.

Aanpassingen vaarroute
De wens voor langere schepen over de vaarroute vroeg om een aanpassing van het traject Veghel-Eindhoven. Om het mogelijk te maken met langere schepen te kunnen varen, bochten te nemen en aan te meren heeft Rijkswaterstaat een aantal aanpassingen gerealiseerd, namelijk:

  • Verruiming bocht kruising Zuid-Willemsvaart-Wilhelminakanaal
  • Verruiming bocht kruising Wilhelminakanaal-Beatrixkanaal
  • Lokaal verstevigen van de oevers door nieuwe damwanden te plaatsen in bochten
  • Bodembescherming aangebracht om te voorkomen dat de schroeven van grotere schepen de bodem beschadigen
  • Wachtplaatsen (afmeerpalen) verlengd en verbreed bij de sluizen 4, 5 en 6 in de Zuid-Willemsvaart
  • Afmeerpalen geplaatst en geleidewerken verstevigd bij bruggen.

Beter benutten van de vaarweg
De verbetering van de vaarroute Veghel-Eindhoven valt onder het landelijk programma Beter Benutten Rijk, regio en bedrijfsleven nemen in drukke regio’s samen innovatieve maatregelen die, tegen relatief weinig kosten, de bereikbaarheid verbeteren en bijdragen aan economische groei. Door de bestaande infrastructuur beter te benutten, gaan we voor minder files, groei op het spoor en meer gebruik van vaarwegen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat