Verplaatsing LPG van spoor naar water lijkt haalbaar

‘s-Hertogenbosch –

Vervoer van LPG over de meer veilige binnenvaart biedt mogelijkheden om de veiligheid in het stedelijk gebied aanzienlijk te verbeteren. Daarnaast biedt het allerlei perspectieven om het gebied rondom het spoor te ontwikkelen.
Deze conclusie trekt de provincie Noord-Brabant uit de “Quick scan LPG-vervoer over water”, die in de afgelopen maanden is uitgevoerd.

Het spoorvervoer met gevaarlijke stoffen door Zuid-Nederland veroorzaakt op een aantal plaatsen langs het spoor risico’s in het stedelijk gebied. De LPG-stroom van Vlissingen naar Duitsland heeft in deze problematiek een belangrijk aandeel.
In het Kabinetstandpunt Ketenstudies Ammoniak, Chloor en LPG van december 2004 is aangegeven dat het kabinet het LPG-transport per spoor in het algemeen wil verminderen. Om dit te bereiken denkt het kabinet aan een drietal oplossingsrichtingen, te weten:
-verplaatsen van de LPG-terminal van Vlissingen naar Rotterdam;
-overgang naar de binnenvaart, en
-herroutering via de Betuweroute.

Optie twee spreekt aan
Deze drie oplossingen zijn allemaal aantrekkelijk voor het terugdringen van de hoeveelheid LPG op het spoor in Noord-Brabant, maar de eerste is relatief duur en de derde ontlast wel de Brabantse steden Breda, Tilburg, Eindhoven en Helmond, maar niet de dorpen en steden in West-Brabant en de Drechtsteden.
Het meest aantrekkelijk is de tweede oplossingsrichting; de kosten hiervan zijn relatief laag én deze oplossing kan de gehele spoorverbinding door Zuid-Nederland, van Vlissingen tot aan de Duitse grens, substantieel ontlasten van LPG-vervoer.
Om deze redenen heeft provincie Noord-Brabant eind vorig jaar opdracht gegeven om de haalbaarheid van met name deze oplossingsrichting nader te onderzoeken in de vorm van een quick scan. Hierbij is niet alleen gekeken naar de externe veiligheid maar uitdrukkelijk ook naar de logistieke en economische aspecten, en naar sturingsmogelijkheden en juridische beperkingen.

Het eindresultaat van deze studie is positief. Het verplaatsen van de LPG-stroom spoor naar water lijkt voor Noord-Brabant, de Drechtsteden en Venlo een haalbare kaart.
Het belangrijkste knelpunt blijkt de bouw van een overslagterminal te zijn, maar dit probleem is oplosbaar. Deze terminal is noodzakelijk omdat de afnemers van dit LPG in Oost-Duitsland zijn gevestigd en zij zijn alleen bereikbaar per spoor. Gedacht wordt aan een terminal in een Duitse Rijnhaven, die op het spoor is aangesloten. Mogelijk kan de deelstaat Nord-Rhein Westfalen behulpzaam zijn bij de ontwikkeling hiervan. Duitsland kan immers ook belang hebben bij meerdere leveranciers van LPG (naast Rusland) en EU-financiering is wellicht mogelijk. De verplaatsing naar water leidt niet tot een verplaatsing van knelpunten. Uit de studie blijkt dat de risicosituatie langs de vaarwegen niet noemenswaardig verandert.

De provincie Noord-Brabant heeft het initiatief genomen voor deze studie. De noodzaak van deze studie is afgestemd met de partners van de task force Brabantroute, te weten de provincies Zuid-Holland en Limburg, de Brabantse steden Breda, Tilburg, Eindhoven, ‘s-Hertogenbosch en Helmond, en de Drechtsteden en Venlo. Gezien de positieve studieresultaten zullen de partners van de task force Brabantroute het ministerie van VROM vragen deze oplossingsrichting verder uit te werken, zodat de veiligheid in Zuid-Nederland zo spoedig mogelijk aanzienlijk kan worden verbeterd.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Provincie Noord-Brabant