Prijsvraag zeesluis Amsterdamse havens

Amsterdam – Er komt een prijsvraag voor consortia van aannemers, waterbouwkundigen en financiers voor een betere zeetoegang van Zeehavens Amsterdam. De prijsvraag wordt uitgeschreven door de projectorganisatie Zeetoegang IJmuiden, waarin zich hebben verenigd: de gemeente Amsterdam, de provincie Noord-Holland, Rijkswaterstaat, de Kamer van Koophandel Amsterdam en de Ondernemersvereniging Regio Amsterdam (ORAM). De prijsvraag moet leiden tot een haalbare en betaalbare oplossing voor de dreigende congestieproblemen bij het sluizencomplex in IJmuiden.

Bedrijven en bestuurders in de regio Amsterdam pleiten al jaren voor een nieuwe grote Zeesluis bij IJmuiden. De kosten van een dergelijke sluis (500 meter lang, 70 meter breed) bedragen ongeveer 700 miljoen euro, inclusief BTW (prijspeil 2000). Volgens het Centraal Planbureau de Stichting Economisch Onderzoek van de Universiteit van Amsterdam wegen de baten echter niet op tegen de kosten. De baten zouden slechts 200 tot 350 miljoen euro bedragen.

De ministers Peijs van Verkeer en Waterstaat en Dekker van VROM hebben tijdens een overleg op 21 januari 2004 aan bedrijven en bestuurders in de regio laten weten dat zij vanwege deze kosten-batenanalyse een rijksfinanciering van de voorgestelde sluis niet opportuun vinden. De ministers willen eerst weten waarom grote investeringen in de bereikbaarheid van Zeehavens Amsterdam noodzakelijk zijn, en op welke manier de kosten en baten meer in evenwicht kunnen worden gebracht.

Prijsvraag voor marktpartijen
De regio heeft daarop besloten een projectorganisatie Zeetoegang IJmuiden op te richten, onder voorzitterschap van de Amsterdamse havenwethouder Mark van der Horst. Deze organisatie werkt aan een regionale havenvisie, vergelijkt verschillende alternatieven met variant grote zeesluis, gaat na hoe het verschil tussen baten en kosten kan worden verkleind en zoekt, ten slotte, naar financieringsmogelijkheden, waaronder PPS (publiek-private samenwerking).

De projectorganisatie schrijft nu de prijsvraag uit voor nationale en internationale marktpartijen, in de verwachting dat op deze manier nieuwe en frisse ideeën aan het licht komen. De sluitingstermijn voor inzending is 17 september 2004.

Van de gegadigden wordt gevraagd om in korte tijd (twee maanden) op hoofdlijnen ideeën uit te werken, die ertoe leiden:
– dat schepen tot een breedte van 55 meter de havens kunnen bereiken;
– dat de wachttijd in 2020 maximaal 45 minuten bedraagt;
– dat een acceptabel saldo tussen baten en kosten oplevert en
– waarvan de financiering op een slimme manier wordt opgelost.

Prijzengeld
Voor de winnaar is een prijzengeld beschikbaar van 120.000 euro. Voor de nummer 2 is een prijzengeld beschikbaar van 60.000 euro. De beste inzendingen komen bovendien in aanmerking voor een immateriële beloning in de vorm van publiciteit. Het intellectueel eigendom van de ingediende ideeën blijft bij de marktpartijen. Als later bij de uitvoering gebruik geheel of gedeeltelijk gebruik wordt gemaakt van een idee, zal het Rijk een nader te bepalen toepassingsvergoeding toekennen.

Beoordelingscommissie
De inzendingen worden beoordeeld door een onafhankelijke commissie onder leiding van professor ir. E. Horvat, emeritus hoogleraar Ondergronds Bouwen aan de TU Delft. De beoordelingscriteria zijn vastgelegd in een zogeheten ´Uitvraagdocument Ontwikkelingscompetitie´, dat Europees is aangekondigd en dat vandaag beschikbaar is gesteld.