Kamervragen over de OV-chipkaart

Den Haag – Op 11 maart 2008 heeft staatssecretaris mw. J.C. Huizinga-Heringa van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer

Hieronder leest u de volledige brief 20082240 brief OV Chipkaart. Kamerstuk | 2008-03-11.

Geachte voorzitter,

U heeft mij namens de Vaste Commissie voor Verkeer en Waterstaat in een brief van d.d. 4 maart 2008 de volgende vragen gesteld.

Vraag 1

Een reactie op het feit dat de drie private vervoerders – Arriva, Connexxion en Veolia – het aanvalsplan niet hebben onderschreven;

Antwoord 1

Bij de presentatie van het aanvalsplan hebben de drie private vervoerders – Arriva, Connexxion en Veolia – geen symbolische handtekening gezet. Ik heb de Federatie Mobiel Nederland (FMNL) gevraagd mij schriftelijk aan te geven wat hun overwegingen waren bij het niet symbolisch ondertekenen. Uit hun brief, die ik volledigheidshalve toevoeg, blijkt dat de private bedrijven financiële risico’s zien in het toekomstig traject. FMNL stelt zich nu op het standpunt dat de financiële consequenties van het vervolgtraject niet bij hen terecht mogen komen. In de regiegroep is de procedurele afspraak gemaakt om eventuele meerkosten, voortvloeiend uit het vervolg van het traject, in beeld te brengen op het moment dat er duidelijkheid ontstaat op onderwerpen zoals bijvoorbeeld beveiliging. Dat is ook het moment dat over de adressering van deze meerkosten wordt gesproken.

Ik hecht er aan nog eens te benadrukken dat ik regie heb genomen op het realiseren van goede oplossingen. Uitkomst daarvan is dat in het aanvalsplan nu zekerheden zijn ingebouwd voor de reizigers:

· De tarieven mogen tot en met een jaar na invoering niet stijgen.

· De privacy is geborgd.

Zoals u weet zal ik niet overgaan tot het afschaffen van de strippenkaart indien ik niet

overtuigd ben van een betrouwbare en veilige OV-chipkaart.

Vraag 2

Uiteenzet op welke wijze de eventuele kosten verbonden aan de uitvoering van het TNO-rapport worden gedekt, mede in het licht van uw toezegging dat de reiziger bij de introductie van de OV-chipkaart niet geconfronteerd mag worden met gemiddeld hogere tarieven.

Antwoord 2

Indien, zoals hiervoor gezegd, de uitkomsten van de beveiligingsonderzoeken, maar ook van de overige gemaakte afspraken, consequenties hebben voor de kosten voor het totale project, zullen die inzichtelijk gemaakt worden en in het Regieteam worden geadresseerd. In de regiegroep zijn bestaande afspraken bevestigd over de opbrengstneutraliteit voor de klant. Hiermee wordt bedoeld dat de reizigers gemiddeld niet meer voor het OV gaan betalen dan in de periode voor de invoering van de OV-chipkaart. Hiermee geef ik invulling aan mijn toezegging dat eventuele meerkosten niet op de reiziger verhaald mogen worden.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

J.C. Huizinga-Heringa

U vindt 20082240 bijlage bij brief OV Chipkaart. Bijlage | 2008-03-11 op www.verkeerenwaterstaat.nl/actueel/kamerstukken