Lagere overheid mijdt nieuwe aanbestedingsvormen

Gouda – Risicobeperking en laagste prijs. Dat zijn voor gemeenten en provincies nog de belangrijkste aanbestedingscriteria. Op bestuurlijk niveau is nauwelijks betrokkenheid bij en kennis aanwezig over geïntegreerde aanbestedingsvormen; de lokale politiek is er in het geheel niet in geïnteresseerd. Waar grote publieke opdrachtgevers als Rijkswaterstaat en Prorail van geïntegreerd aanbesteden de standaard hebben gemaakt, lopen lagere overheden ver achter.

Lagere overheden voeren aan dat het voordeel van geïntegreerd aanbesteden niet duidelijk is. Ook als er positieve ervaringen zijn, leidt dat niet tot bredere invoering. Het gevolg is dat lagere overheden nog steeds met sterk kostenverhogend meerwerk geconfronteerd worden en dat ze zeer veel tijd moeten investeren in de begeleiding van het werk. Door ruime ramingen komen de problemen niet op het politieke of bestuurlijke bureau terecht. De ambtelijke organisatie gaat onzekerheden en risico’s volledig uit de weg.

Dit zijn de conclusies van een onderzoek dat de Universiteit Twente uitvoerde in opdracht van het innovatieprogramma PSIBouw. De onderzoekers bevelen aan dat belangenorganisaties als VNG of Stadswerk een actievere rol gaan spelen. In het najaar verschijnt een hulpmiddel voor publieke opdrachtgevers voor geïntegreerd aan- en uitbesteden: de Leidraad Aanbesteden, die gepubliceerd zal worden door PSIBouw en de Regieraad Bouw.

Voor volledige versie van het onderzoeksrapport: www.psibouw.nl

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: PSIBouw