Kamervragen over dreigende sluiting Wizzl-kantoren

Den Haag – Op 15 oktober 2007 heeft Minister Eurlings van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer met antwoorden op de vragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren.

Hieronder leest u de volledig brief br.20077952 Antwoorden op kamervragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren. Kamerstuk | 2007-10-15.

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u mijn antwoorden op de vragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren.

1. Bent u bekend met het voornemen van de NS om vanaf 28 september 2007 te stoppen met de exploitatie van de Wizzl-vestiging op station Boxmeer, een station langs een traject dat geëxploiteerd wordt door Veolia?

1. Zoals u weet heb ik op detailniveau geen bemoeienis met de dagelijkse bedrijfsvoering van NS. Maar naar aanleiding van uw vragen heb ik uiteraard navraag gedaan bij NS. NS meldt mij dat 28 september 2007 inderdaad de laatste dag is dat de Wizzl op station Boxmeer geopend was.

NS heeft het recht te besluiten tot het sluiten van een verkooppunt. Indien dit verkooppunt gevestigd is in een Wizzl-winkel dan wordt Wizzl hierover door NS een half jaar van tevoren geïnformeerd. Het is aan Wizzl om dan te besluiten de winkel zonder kaartverkoop al of niet open te houden. Na het besluit van NS om met de verkoop via Wizzl te stoppen, heeft het management van Wizzl (Servex; een dochter-onderneming van NS die de commerciële activiteiten van en winkels op de stations beheert) besloten de Wizzl-winkel in Boxmeer te sluiten, omdat deze zonder NS-kaartverkoop onrendabel wordt.

Overigens blijft er op station Boxmeer wel een kaartautomaat staan.

2. Hoeveel loketten, servicepunten en Wizzl’s zijn er nog op het Nederlandse spoornet en hoe heeft dit aantal zich de afgelopen jaren ontwikkeld?

2. NS informeert mij dat er op 100 stations een NS balie met loketten is, op 23 stations een Reizigerskiosk met kaartverkoop en op 30 stations een Wizzl-verkooppunt. Op alle stations staan kaartautomaten. Het aantal verkooppunten is de afgelopen jaren gelijk gebleven.

Overigens geldt voor de verkoop van strippenkaarten en abonnementen voor het stads- en streekvervoer dat mijn departement een contract heeft met Vervoerbewijzen Nederland (VBN). VBN is verplicht te zorgen voor een landelijk dekkend net van verkooppunten. Als ergens een verkooppunt sluit (bijvoorbeeld op een station) dan moet VBN zorgen voor een alternatief. Maar deze verplichting geldt niet voor treinkaartjes.

3. Is er een trendverschil waar te nemen in het aantal loketten, servicepunten en Wizzl’s tussen de lijnen die door de NS geëxploiteerd worden en de lijnen die aan andere vervoerders zijn toegewezen?

3. Ik heb geen betrokkenheid bij treindiensten die onder de verantwoordelijkheid vallen van decentrale overheden en heb dus ook geen inzicht in de ontwikkeling van het aantal verkooppunten voor die diensten. Ik beschik alleen over de in mijn antwoord op vraag 2 genoemde aantallen verkooppunten voor de treindiensten waarvoor ik zelf een concessie heb verleend.

Voor de treindiensten die in de afgelopen jaren zijn overgegaan van NS naar een decentrale overheid en een regionale vervoerder geldt dat het vanaf de overdracht aan die partijen is om te bepalen hoe om te gaan met loketten, servicepunten etc.

4. Speelt bij de sluiting van de Wizzl in Boxmeer mee, dat de NS deze service niet wil verlenen op lijnen die ze zelf niet exploiteert?

4. NS wordt niet geacht service te verlenen op treindiensten die NS niet zelf exploiteert, met inachtneming van de voorwaarden zoals gesteld in artikel 18 van de concessie. Zie verder mijn antwoord op vraag 5.

5. Is tussen de NS en Veolia gesproken over een overname van deze dienstverlening? Zo neen, waarom niet? Zo ja, kunt u aangeven waarom de partijen er gezamenlijk niet uitgekomen zijn?

5. NS meldt dat er overleg is geweest tussen Servex en de directie van Veolia. NS heeft aangeboden een ticketprinter te plaatsen in de Wizzl-winkel. Hiervoor zou Veolia een bijdrage moeten leveren aan de vaste kosten. Veolia wilde slechts een commissie over de kaartverkoop vergoeden, maar onvoldoende bijdragen in de vaste kosten. Daarmee werd de exploitatie niet meer rendabel. Op het moment dat Veolia besluit wel een ticketprinter bij NS te willen huren, is dat mogelijk.

6. Hoe verhoudt het steeds verder toenemend gebrek aan service zich tot de ambitie van het kabinet om elk jaar 5% reizigersgroei over het spoor te genereren?

6. Zoals bekend stuur ik niet gedetailleerd op alle onderdelen van de bedrijfsvoering van NS. Via de vervoerconcessie heeft NS een aantal zorgplichten; op de bijbehorende prestaties reken ik NS af. Hoe NS die prestaties realiseert, is aan het bedrijf. Dit geldt ook voor de groeiambitie die in het vervoerplan is opgenomen. Het is aan NS om te beoordelen hoeveel en welke service nodig is om de gewenste groei mogelijk te maken. Overigens is NS op basis van klantonderzoek bezig op alle stations Service Op Maat te realiseren, waardoor de service optimaal aansluit bij de wensen van de klant.

7. Bent u bereid om een actieve rol in te nemen om een verdere achteruitgang van de dienstverlening op en rond stations tegen te gaan?

7. De vervoerconcessie bevat een aantal voorschriften over de dienstverlening op en rond stations en daar zal ik NS aan houden. Artikel 18, vierde lid bepaalt: “NS spant zich in om de verkrijgbaarheid van vervoerbewijzen zoals die per 1 januari 2004 bestond, in stand te houden en indien nodig te verbreden.” Verder verwijs ik naar mijn antwoord op vraag 6.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

Camiel Eurlings

Kamervragen over dreigende sluiting Wizzl-kantoren | Infrasite

Kamervragen over dreigende sluiting Wizzl-kantoren

Den Haag – Op 15 oktober 2007 heeft Minister Eurlings van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer met antwoorden op de vragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren.

Hieronder leest u de volledig brief br.20077952 Antwoorden op kamervragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren. Kamerstuk | 2007-10-15.

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u mijn antwoorden op de vragen van het lid Roemer over de dreigende sluiting van Wizzl-kantoren.

1. Bent u bekend met het voornemen van de NS om vanaf 28 september 2007 te stoppen met de exploitatie van de Wizzl-vestiging op station Boxmeer, een station langs een traject dat geëxploiteerd wordt door Veolia?

1. Zoals u weet heb ik op detailniveau geen bemoeienis met de dagelijkse bedrijfsvoering van NS. Maar naar aanleiding van uw vragen heb ik uiteraard navraag gedaan bij NS. NS meldt mij dat 28 september 2007 inderdaad de laatste dag is dat de Wizzl op station Boxmeer geopend was.

NS heeft het recht te besluiten tot het sluiten van een verkooppunt. Indien dit verkooppunt gevestigd is in een Wizzl-winkel dan wordt Wizzl hierover door NS een half jaar van tevoren geïnformeerd. Het is aan Wizzl om dan te besluiten de winkel zonder kaartverkoop al of niet open te houden. Na het besluit van NS om met de verkoop via Wizzl te stoppen, heeft het management van Wizzl (Servex; een dochter-onderneming van NS die de commerciële activiteiten van en winkels op de stations beheert) besloten de Wizzl-winkel in Boxmeer te sluiten, omdat deze zonder NS-kaartverkoop onrendabel wordt.

Overigens blijft er op station Boxmeer wel een kaartautomaat staan.

2. Hoeveel loketten, servicepunten en Wizzl’s zijn er nog op het Nederlandse spoornet en hoe heeft dit aantal zich de afgelopen jaren ontwikkeld?

2. NS informeert mij dat er op 100 stations een NS balie met loketten is, op 23 stations een Reizigerskiosk met kaartverkoop en op 30 stations een Wizzl-verkooppunt. Op alle stations staan kaartautomaten. Het aantal verkooppunten is de afgelopen jaren gelijk gebleven.

Overigens geldt voor de verkoop van strippenkaarten en abonnementen voor het stads- en streekvervoer dat mijn departement een contract heeft met Vervoerbewijzen Nederland (VBN). VBN is verplicht te zorgen voor een landelijk dekkend net van verkooppunten. Als ergens een verkooppunt sluit (bijvoorbeeld op een station) dan moet VBN zorgen voor een alternatief. Maar deze verplichting geldt niet voor treinkaartjes.

3. Is er een trendverschil waar te nemen in het aantal loketten, servicepunten en Wizzl’s tussen de lijnen die door de NS geëxploiteerd worden en de lijnen die aan andere vervoerders zijn toegewezen?

3. Ik heb geen betrokkenheid bij treindiensten die onder de verantwoordelijkheid vallen van decentrale overheden en heb dus ook geen inzicht in de ontwikkeling van het aantal verkooppunten voor die diensten. Ik beschik alleen over de in mijn antwoord op vraag 2 genoemde aantallen verkooppunten voor de treindiensten waarvoor ik zelf een concessie heb verleend.

Voor de treindiensten die in de afgelopen jaren zijn overgegaan van NS naar een decentrale overheid en een regionale vervoerder geldt dat het vanaf de overdracht aan die partijen is om te bepalen hoe om te gaan met loketten, servicepunten etc.

4. Speelt bij de sluiting van de Wizzl in Boxmeer mee, dat de NS deze service niet wil verlenen op lijnen die ze zelf niet exploiteert?

4. NS wordt niet geacht service te verlenen op treindiensten die NS niet zelf exploiteert, met inachtneming van de voorwaarden zoals gesteld in artikel 18 van de concessie. Zie verder mijn antwoord op vraag 5.

5. Is tussen de NS en Veolia gesproken over een overname van deze dienstverlening? Zo neen, waarom niet? Zo ja, kunt u aangeven waarom de partijen er gezamenlijk niet uitgekomen zijn?

5. NS meldt dat er overleg is geweest tussen Servex en de directie van Veolia. NS heeft aangeboden een ticketprinter te plaatsen in de Wizzl-winkel. Hiervoor zou Veolia een bijdrage moeten leveren aan de vaste kosten. Veolia wilde slechts een commissie over de kaartverkoop vergoeden, maar onvoldoende bijdragen in de vaste kosten. Daarmee werd de exploitatie niet meer rendabel. Op het moment dat Veolia besluit wel een ticketprinter bij NS te willen huren, is dat mogelijk.

6. Hoe verhoudt het steeds verder toenemend gebrek aan service zich tot de ambitie van het kabinet om elk jaar 5% reizigersgroei over het spoor te genereren?

6. Zoals bekend stuur ik niet gedetailleerd op alle onderdelen van de bedrijfsvoering van NS. Via de vervoerconcessie heeft NS een aantal zorgplichten; op de bijbehorende prestaties reken ik NS af. Hoe NS die prestaties realiseert, is aan het bedrijf. Dit geldt ook voor de groeiambitie die in het vervoerplan is opgenomen. Het is aan NS om te beoordelen hoeveel en welke service nodig is om de gewenste groei mogelijk te maken. Overigens is NS op basis van klantonderzoek bezig op alle stations Service Op Maat te realiseren, waardoor de service optimaal aansluit bij de wensen van de klant.

7. Bent u bereid om een actieve rol in te nemen om een verdere achteruitgang van de dienstverlening op en rond stations tegen te gaan?

7. De vervoerconcessie bevat een aantal voorschriften over de dienstverlening op en rond stations en daar zal ik NS aan houden. Artikel 18, vierde lid bepaalt: “NS spant zich in om de verkrijgbaarheid van vervoerbewijzen zoals die per 1 januari 2004 bestond, in stand te houden en indien nodig te verbreden.” Verder verwijs ik naar mijn antwoord op vraag 6.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

Camiel Eurlings