Bestuurswisseling bij FNV Spoor

De één vertrekt en de ander komt

Utrecht – Niets duurt eeuwig, alles gaat voorbij, er zijn tijden van komen en tijden van gaan, kortom: ook bestuurders van FNV Bondgenoten gaan wel eens iets anders doen. De één vertrekt dan bij het spoor, en de ander begint er. Meer concreet: Tonnie Nijenhuis schuift door naar een andere plek binnen de bond en Jacqueline Lohle volgt hem op.

“Vijf prachtige jaren” heeft Tonnie Nijenhuis gehad als spoorbestuurder bij FNV Bondgenoten. “Ik heb veel dingen gedaan, veel goede dingen ook. Een korte periode heb ik ook te veel gedaan. Dat was minder. Maar over het algemeen heb ik genoten.” Nijenhuis heeft een nieuwe uitdaging gevonden binnen de bond. Hij treedt toe tot een tijdelijke projectgroep die een impuls moet geven aan de verbetering van het vakbondskaderwerk in de bedrijven en sectoren. “Dat moet en kan effectiever”, zegt hij. “Dat heb ik als bestuurder zelf ervaren. We hebben bij het spoor heel actieve kaderleden, maar ook soms kaderleden die er een beetje bijhangen. En dan mogen we bij het spoor nog niet eens klagen, want in andere sectoren is het kaderwerk doorgaans veel minder ontwikkeld.”

Een ander probleem is de vergrijzing. “Er is behoefte aan nieuwe, jonge kaderleden. Vaak zijn dat letterlijk mensen van een andere generatie. Die willen niet zoveel vrije tijd in dit soort zaken steken. Misschien nog wel gedurende een kortere periode, maar hoe lang dan precies? En wat is daarvoor nodig? Hoe kunnen we het kaderwerk überhaupt toekomstvast maken? Dit soort vragen gaan we de komende twee jaar in de projectgroep onderzoeken en beantwoorden. In eerste instantie zullen we onze collegavakbondsbestuurders ondersteunen en adviseren over het goed opzetten van kaderwerk, maar uiteindelijk zullen we uiteraard ook bij de kaderleden zelf uitkomen. Om hen draait het tenslotte.”

Mensenmens

Nijenhuis begon zijn loopbaan in het maatschappelijk werk, maar maakte uiteindelijk de overstap naar de vakbond. Daar begon hij als bestuurder goederenvervoer en logistieke bedrijven, en later het taxi- en streekvervoer. In januari 2002 kwam hij terecht bij het spoor. NS opleidingen, NS Stations, het spoorwegpensioenfonds SPF, de drie taakorganisaties Railned, Railinfrabeheer en Railverkeersleiding… hij was verantwoordelijk voor zeven cao’s. Anno nu zijn dat er nog maar twee. De taakorganisaties zijn samengegaan in ProRail, NS Stations valt nu onder de NS-cao, en weer andere onderdelen zijn óf uitgeplaatst óf opgeheven.

‘Je kan het ver schoppen als je een goede klik met je kaderleden hebt’ Aan de harmonisatie van cao’s van ProRail en NS, heeft hij intensief meegewerkt. “Wat er ook veranderde, het was steeds weer de uitdaging om zodanig goede afspraken te maken dat de werknemers er op zijn minst niét in arbeidsvoorwaarden op achteruit zouden gaan. Bijvoorbeeld bij de uitplaatsing van spoorwegveiligheid van Railned naar de overheid en de landmeters van railinfrabeheer naar Arcadis is dit me al met al goed gelukt. De cao’s en het Sociaal Plan NS Sociale Eenheid mogen er ook zijn. Het enig dat ik niet voor elkaar heb gekregen is een hogere salarisgroep voor treindienstleiders op basis van een nieuwe functiewaardering. Dat speelde al voordat ik hier kwam, en ik denk dat we er alles aan gedaan hebben, maar het zat er gewoon niet in. Jammer, maar wat er niet in zit, krijg je er nu eenmaal ook niet uit.”

Op het moment van zijn vertrek heeft Nijenhuis nog één droom voor de spoorsector: “Dat alle partijen, variërend van aannemers tot vervoerders, in plaats van elkaar de tent uit te vechten de handen ineen slaan en over de muren van eigen organisaties heen gaan samenwerken op het gebied van veiligheid. Ik denk dat we als bond op dit gebied de afgelopen jaren veel in werking hebben gezet, maar dit laatste stapje ontbreekt nog. Het kan wél, want het is mensenwerk. Alleen moeten die mensen wel willen en durven.”

Zelf heeft hij als ‘mensenmens’ met dit laatste geen enkel probleem. “Ik heb altijd nauw met anderen samengewerkt, onder wie mijn kaderleden. Zo weet ik uit ervaring dat je het ver kan schoppen als je de goede klik hebt met elkaar.”<

Jacqueline Lohle is jurist met een voorliefde voor vakbondswerk. Vandaar dat ze twaalf jaar geleden binnen FNV Bondgenoten de overstap maakte van medewerkster individuele ledenservice naar bestuurder in de metaalsector. “Als een kwestie bij een jurist komt is de zaak eigenlijk al kapot”, zegt ze. “Met vakbondswerk is het andersom: dan kun je zaken nog opbouwen.”

Als vakbondsbestuurder heeft ze diverse werkgebieden en regio’s doorlopen, maar haar inspanningen bleven steeds gericht op voornamelijk één belangrijk aandachtsgebied: het vakbondswerk leven inblazen. “Gesprekken aangaan met de mensen op de werkvloer, kijken wat er leeft, daarbij aansluiten, problemen tackelen, kadergroepen opzetten, als bond een aantrekkelijke partij worden…. Dat is wat mij drijft. Het is me er om te doen het vakbondswerk zichtbaar te maken. Want pas dan zien ook anderen wat de bond voor hen kan betekenen. Dus de medewerkers bij ProRail en Railion, en de NS’ers in Randstad Zuid – mijn werkgebieden – zullen me de komende maanden veel zien en horen. Ik wil met ze in gesprek komen en horen wat de stand van zaken is binnen hun bedrijf of afdeling.”

Uithangbord

In de beleving van Lohle zijn het niet zozeer de bestuurders, maar de kaderleden die het beste uithangbord zijn voor een bond. “De mensen op de werkvloer moeten weten dat wanneer ze iets willen of ergens tegen aanlopen waarvoor ze de bond nodig hebben, ze als eerste bij een van de kaderleden kunnen aankloppen.

‘Het is me er om te doen het vakbondswerk zichtbaar te maken’
Vanwege de korte lijnen. Het is daarom van belang dat onze kaderleden een zo breed mogelijke groep mensen vertegenwoordigen. Ook vrouwen, allochtonen en hoog opgeleide jonge kerels. Onze vertegenwoordiging onder deze drie groepen kan nog steeds beter, dus daar ligt een mooie taak.”

Lohle maakt graag gebruik van nieuwe methodes en technieken om de kaderleden te kunnen bereiken. Het internet speelt hierbij een belangrijke rol. “In de metaal zijn we gestopt met een groot deel van de ledenvergaderingen. Die zijn ook eigenlijk helemaal niet meer nodig. Via internet communiceer je veel sneller en bereik je veel meer mensen in veel meer bedrijven. En als je het geheel ondersteunt met een digitale nieuwsbrief, dan ben je helemaal zo goed als compleet. Ik zou eerlijk gezegd niet weten waarom deze manier van opereren ook niet bij het spoor zou werken.”

Zo zijn er meer ideeën die Lohle vanuit de metaal meeneemt naar het spoor. “We hebben gerichte campagnes gevoerd gericht op bijvoorbeeld pensioenen, loonberekeningen en wat al niet meer. Dat was telkens een groot succes. Dus waarom zouden we dat in deze sector dan ook niet meer gaan doen? Kijk naar het succes van de acties rond spoorveiligheid. Dat schreeuwt als het ware om meer.”

Dergelijke acties hebben tevens een groot bijkomend voordeel. Lohle: “Ook in bedrijven waar de mensen niet zo actief zijn zit altijd wel één persoon die weet hoe het spel gespeeld moet worden. Het grappige is dat dit soort mensen meestal bij campagnes en acties komen bovendrijven. Zo kun je dus ook gedreven kaderleden vinden.”

Bron: FNV Bondgenoten Rechtspoor nummer 3

Kijk voor een overzicht van de FNV Spoor-bestuurders op www.fnvspoor.nl

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: FNV Spoor