Kamerbrief over Veiligheid baanwerkers

Den Haag – Op 6 februari 2007 heeft Minister Peijs van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer over de Veiligheid van baanwerkers bij overgangsgebieden tussen bestaande en nieuwe infrastructuur.

Hieronder leest u de volledig brief br. 466a veiligheid baanwerkers bij overgangsgebieden tussen bestaande en nieuwe infrastructuur | Publicatiedatum: 06-02-2007.

Geachte voorzitter,

Naar aanleiding van uw verzoek, gedaan bij uw brief van 28 december 2006 doe ik u hierbij toekomen een afschrift van mijn brief van heden aan de Stichting Arbeidsomstandigheden en Spoorwegveiligheid (SAS) in antwoord op het schrijven van de SAS van 15 november 2006 inzake de veiligheid baanwerkers bij overgangsgebieden tussen bestaande en nieuwe infrastructuur. Kortheidshalve verwijs ik u naar de inhoud er van.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT, Karla Peijs

Hieronder leest u de volledige bijlage br. 466a bijlage 1 veiligheid baanwerkers bij overgangsgebieden tussen bestaande en nieuwe infrastructuur.

Geachte heer*,

In antwoord op uw schrijven van 15 november 2006 bericht ik u het volgende.

Uw brief is voorgelegd aan ProRail. Van de zijde van ProRail heb ik vernomen dat begin december 2006 contact is opgenomen met een tweetal leden van de Stichting Arbeidsomstandigheden en Spoorwegveiligheid (SAS). De aanleiding hiervoor was de brief van 15 november 2006 inzake de veiligheid van baanwerkers bij overgangsgebieden tussen bestaande en nieuwe infrastructuur.

De SAS heeft in de richting van ProRail aangegeven dat de brief moet worden gezien als:

  • een uiting van zorg van de SAS dat in overgangsgebieden van bestaand naar nieuw spoor en van rail naar lightrail/tram verschillende afspraken, spelregels en regelgeving (kunnen) gelden;
  • een wens van de SAS dat de gemaakte afspraken en/of gehanteerde spelregels/regelgeving in die overgang- gebieden goed worden gesynchroniseerd. Dit met het oog op de veiligheid van de baanwerkers;
  • een signaal van de SAS dat zij hiervoor met name een rol voor de Stichting RailAlert ziet weggelegd.

ProRail heeft aangegeven dat het met betrekking tot het nieuwe Normenkader Veilig Werken (NVW) in 2006 met diverse partijen contact heeft gehad. In deze contacten heeft ProRail de betrokken partijen gesondeerd om het NVW als basis te hanteren voor hun regelgeving. Het NVW is inmiddels door een aantal partijen overgenomen (Randstad Rail, Nedtrain, Betuweroute, HSL), maar nog niet door de gehele branche.

Het (nieuwe) NVW is afgestemd met het Ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid en per 1 januari 2007 van kracht. ProRail heeft aangegeven de visie, zoals verwoord in het NVW, maximaal uit te dragen.

ProRail heeft met de Stichting RailAlert afgesproken dat het NVW als basis zal dienen voor de arbocatalogus voor de gehele branche. Hierover vinden besprekingen plaats. Met de komst van arbocatalogus worden de bovengenoemde verschillen verder geminimaliseerd.

De door de SAS gesignaleerde zorg is ook bij V&W bekend en heeft ook mijn extra aandacht. Ik zal de Stichting RailAlert verzoeken het voortouw te nemen bij het ontwikkelen van eenduidige regelgeving, passend binnen de recente ontwikkeling van de veiligheidsregelgeving en aansluitend op de visie van de toezichthouders (Arbeidsinspectie en Inspectie Verkeer en Waterstaat). Zodoende wordt de transparantie binnen de spoorbranche bevorderd.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT, Karla Peijs

*Uit privacy-overwegingen heeft de redactie van Infrasite de naam van de geadresseerde weggelaten.