Kamerbrief over systeemsprong railinfrastructuur

Den Haag – Op 19 december 2006 heeft Minister Peijs van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer over de Motie Slob c.s. (29644, nr. 34) over een "systeemsprong" voor de infrastructuur.

Hieronder leest u de volledig brief br.3306. Motie Slob c.s. (29644, nr. 34) over een "systeemsprong" voor de infrastructuur. Kamerstuk | 2006-12-19.

Geachte voorzitter,

In het kader van de behandeling van de Planologische Kernbeslissing Nota Mobiliteit is de motie Slob c.s. ingediend en aangenomen (12 december 2005, 29644, nr. 34). Deze motie vraagt om in overleg met de spoorsector te onderzoeken of en op welke wijze gefaseerd een “systeemsprong” voor de infrastructuur kan worden gerealiseerd. De overweging hierbij is dat door toepassing van het Europese beveiligingssysteem ERTMS en een spanning van 25 kV het bestaande spoor beter benut kan worden, zodat er meer en snellere treinen kunnen rijden en meer reizigers vervoerd kunnen worden.

Op 3 april 2006 heb ik uw Kamer schriftelijk geïnformeerd dat zij in het najaar van 2006 een notitie over de ins en outs van landelijke invoering van 25 kV en ERTMS zal ontvangen. Op basis van de volgende twee recente ontwikkelingen ben ik echter tot de conclusie gekomen dat het onwenselijk en onhaalbaar is om deze toezegging binnen de door mij gestelde termijn gestand te doen.

In de eerste plaats is de planning van de Europese Commissie met betrekking tot de besluitvorming over ERTMS trager dan eerder dit jaar was verondersteld. Het ERTMS-implementatieplan hoeft nu pas in september 2007 bij de Europese Commissie ingediend te worden. In antwoord op een vraag van het lid Gerkens in het kader van de begrotingsbehandeling van Verkeer en Waterstaat heb ik u op 27 oktober 2006 aangegeven dat ProRail nu in samenwerking met de vervoerders werkt aan de realisatie van dit ERTMS-implementatieplan.

In de tweede plaats heb ik uw Kamer in het begrotingsdebat van 30 oktober 2006 toegezegd nader onderzoek te zullen laten uitvoeren naar het (gedeeltelijk) verhogen van de baanvaksnelheid naar 160 km/u.

Omdat zowel het ERTMS-implementatieplan als de mogelijke verhoging van de baanvaksnelheid substantiële invloed kunnen hebben op de wijze waarop een eventuele “systeemsprong” gerealiseerd kan worden is nader onderzoek nodig, zodat ik u de door mij toegezegde notitie in de zomer van 2007 kan doen toekomen. Overigens zal het uitstel van het ERTMS-implementatieplan niet leiden tot vertraging bij de uitvoering van het programma voor de vervanging van de beveiligingssystemen, al dan niet door ERTMS-beveiligingssystemen. Daarbij hecht ik veel waarde aan het verhogen van het veiligheidsniveau op het spoor in het algemeen en de reductie van het aantal STS(stoptonend sein)-passages, bijvoorbeeld door middel van het ATB++-systeem, in het bijzonder.

Voor wat betreft de invoering van 25 kV, een mogelijk onderdeel van de voorgestelde “systeemsprong”, verwijs ik naar de notitie die ik op 18 oktober 2005 (“Motie Slob c.s. (29800 XII, nr. 31)”, kenmerk DGP/SPO/U.05.02100) aan uw Kamer heb gestuurd. De daarin beschreven conclusies, die onderbouwen dat invoering van 25 kV op het hele net voorlopig niet opportuun is, zijn momenteel nog steeds van toepassing. De hierboven beschreven onzekerheden rondom het ERTMS-implementatieplan en rondom de discussie over het mogelijk (gedeeltelijk) verhogen van de baanvaksnelheid naar 160 km/u doen hier niets aan af. Om die reden zal ik dan ook geen verdere voorbereidingen treffen voor een eventuele invoering van 25 kV.

Wel wordt in het kader van de spoorcorridor Rotterdam-Genua een kosten/baten-analyse gemaakt voor eventuele omschakeling van de huidige 1500 V-samenloopbaanvakken (Zevenaar-Duitse grens en Kijfhoek-Barendrecht) naar 15 kV dan wel 25 kV ten behoeve van internationaal, doorgaand goederenverkeer.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT, Karla Peijs

Achtergrondinformatie (verzorgd door de redactie van Infrasite)
Measures to revitalise European railway sector