Vijf concessiegebieden Noord-Brabant vanaf 2006

‘s-Hertogenbosch – Met ingang van 1 januari 2006 rijdt het openbaar vervoer in Noord-Brabant op basis van nieuwe afspraken. Noord-Brabant is dan opgedeeld in vijf concessiegebieden. Het stads- en streekvervoer wordt geïntegreerd en Gedeputeerde Staten beogen een kwaliteitsverbetering in het OV. Zowel op het gebied van milieu, toegankelijkheid en sociale veiligheid als op de dienstregelingen. Ook wordt in de nieuwe concessies gesproken over de mogelijkheden van tariefdifferentatie, aansluiting bij het OV Netwerk BrabantStad en grotere zichtbaarheid van de provincie op de bussen. Het conceptprogramma van eisen is vrijgegeven voor consultatie.

Aan Brabantse gemeenten en het Reizigersoverleg Brabant (ROB) wordt gevraagd om voor eind november te reageren. Op 12 november 2004 wordt het programma van eisen besproken in de commissie Economie, Mobiliteit en Grotestedenbeleid. Voor het eind van dit jaar stellen Gedeputeerde Staten dan het definitieve programma van eisen vast per concessie en bieden deze aan aan de Europese Commissie. Daarna begint de aanbestedingsprocedure.
Het programma van eisen richt zich op stads- en streekvervoer per bus en buurtbus

Vijf concessiegebieden
Om meer recht te doen aan de verschillende behoeftes in de verschillende regio’s van Noord-Brabant en met het oog op de integrale benadering van het stads- en streekvervoer is de provincie opgedeeld in vijf concessiegebieden. Nu zijn dat er zes, namelijk vier concessies voor het stadsvervoer van Breda, Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Oss, en twee concessies voor het streekvervoer, namelijk Oost- en West-Brabant.. De provincie Noord-Brabant is niet verantwoordelijk voor het openbaar vervoer op het grondgebied van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. De vijf nieuwe concessies zijn: Oost (het gebied Noordoost- Brabant dat zich laat kenmerken als landelijk gebied), de Meijerij (de regio rond ’s-Hertogenbosch dat meer stedelijk is), Midden (de regio Midden-Brabant met als centrumstad Tilburg), West (de regio West-Brabant met als grootste stad Breda) en als laatste perceel de Interlinercombinatie tussen Breda-Oosterhout-Utrecht.

De vervoersarchitect
Gedeputeerde Staten willen voor de nieuwe concessies meer gaan sturen op de kwaliteit van het lijnennet. Hiertoe krijgt een gespecialiseerd bureau, anders dan de vervoerder, de opdracht het lijnnennet per concessiegebied/perceel te analyseren op vervoersvraag, overstapmogelijkheden en wachttijden. Op basis van de uitkomsten wordt dan het lijnnennet herijkt, zoals nieuwe overstappunten, minder wachttijden en andere routes. Dit om reistijdwinst te boeken. Het project wordt de vervoersarchitect genoemd. Hiermee hebben Gedeputeerde Staten een deel van de ontwikkelfunctie van het openbaar vervoer losgekoppeld van de vervoerder.

Het programma van eisen richt zich op een adequaat functioneren van het openbaar vervoeraanbod voor streek- en stadsvervoer. Adequaat wil wat GS betreft zeggen: het OV draagt bij aan leefbaarheid, bereikbaarheid stedelijke gebieden, en op onderdelen de verbetering van milieu en leefomgeving. Verder moet het OV sociaal veilig zijn, optimaal toegankelijk voor iedereen en mee kunnen veranderen met de vraag van de reizigers.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Noord-Brabant

Vijf concessiegebieden Noord-Brabant vanaf 2006 | Infrasite

Vijf concessiegebieden Noord-Brabant vanaf 2006

‘s-Hertogenbosch – Met ingang van 1 januari 2006 rijdt het openbaar vervoer in Noord-Brabant op basis van nieuwe afspraken. Noord-Brabant is dan opgedeeld in vijf concessiegebieden. Het stads- en streekvervoer wordt geïntegreerd en Gedeputeerde Staten beogen een kwaliteitsverbetering in het OV. Zowel op het gebied van milieu, toegankelijkheid en sociale veiligheid als op de dienstregelingen. Ook wordt in de nieuwe concessies gesproken over de mogelijkheden van tariefdifferentatie, aansluiting bij het OV Netwerk BrabantStad en grotere zichtbaarheid van de provincie op de bussen. Het conceptprogramma van eisen is vrijgegeven voor consultatie.

Aan Brabantse gemeenten en het Reizigersoverleg Brabant (ROB) wordt gevraagd om voor eind november te reageren. Op 12 november 2004 wordt het programma van eisen besproken in de commissie Economie, Mobiliteit en Grotestedenbeleid. Voor het eind van dit jaar stellen Gedeputeerde Staten dan het definitieve programma van eisen vast per concessie en bieden deze aan aan de Europese Commissie. Daarna begint de aanbestedingsprocedure.
Het programma van eisen richt zich op stads- en streekvervoer per bus en buurtbus

Vijf concessiegebieden
Om meer recht te doen aan de verschillende behoeftes in de verschillende regio’s van Noord-Brabant en met het oog op de integrale benadering van het stads- en streekvervoer is de provincie opgedeeld in vijf concessiegebieden. Nu zijn dat er zes, namelijk vier concessies voor het stadsvervoer van Breda, Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Oss, en twee concessies voor het streekvervoer, namelijk Oost- en West-Brabant.. De provincie Noord-Brabant is niet verantwoordelijk voor het openbaar vervoer op het grondgebied van het Samenwerkingsverband Regio Eindhoven. De vijf nieuwe concessies zijn: Oost (het gebied Noordoost- Brabant dat zich laat kenmerken als landelijk gebied), de Meijerij (de regio rond ’s-Hertogenbosch dat meer stedelijk is), Midden (de regio Midden-Brabant met als centrumstad Tilburg), West (de regio West-Brabant met als grootste stad Breda) en als laatste perceel de Interlinercombinatie tussen Breda-Oosterhout-Utrecht.

De vervoersarchitect
Gedeputeerde Staten willen voor de nieuwe concessies meer gaan sturen op de kwaliteit van het lijnennet. Hiertoe krijgt een gespecialiseerd bureau, anders dan de vervoerder, de opdracht het lijnnennet per concessiegebied/perceel te analyseren op vervoersvraag, overstapmogelijkheden en wachttijden. Op basis van de uitkomsten wordt dan het lijnnennet herijkt, zoals nieuwe overstappunten, minder wachttijden en andere routes. Dit om reistijdwinst te boeken. Het project wordt de vervoersarchitect genoemd. Hiermee hebben Gedeputeerde Staten een deel van de ontwikkelfunctie van het openbaar vervoer losgekoppeld van de vervoerder.

Het programma van eisen richt zich op een adequaat functioneren van het openbaar vervoeraanbod voor streek- en stadsvervoer. Adequaat wil wat GS betreft zeggen: het OV draagt bij aan leefbaarheid, bereikbaarheid stedelijke gebieden, en op onderdelen de verbetering van milieu en leefomgeving. Verder moet het OV sociaal veilig zijn, optimaal toegankelijk voor iedereen en mee kunnen veranderen met de vraag van de reizigers.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Noord-Brabant