Kamerbrief over ziekteverzuim bij NS

Den Haag – Op 22 april 2008 heeft minister Eurlings van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer met daarin antwoorden op de vragen van het lid Roemer over het ziekteverzuim bij NS.

Hieronder leest u de volledige brief 20082565 kamervragen van het lid Roemer over het ziekteverzuim bij NS. Kamerstuk | 2008-04-22.

Geachte voorzitter,

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de vragen van het lid Roemer over het ziekteverzuim bij NS.

1.

Wat is uw mening over het hoge ziekteverzuim bij de NS? (De Telegraaf, 17 maart 2008)?

1.

Ik heb het artikel gelezen waarin vakbonden melden dat er sprake zou zijn van een hoog ziekteverzuim bij NS. Om me hierover een mening te vormen, heb ik NS gevraagd om duidelijkheid over de feiten.

NS meldt mij: “In een artikel in de Telegraaf van maandag 17 maart 2008 slaan de vakbonden VVMC en FNV Spoor alarm over een explosieve stijging van het ziekteverzuim. De cijfers geven echter een ander beeld. Binnen NS-Binnenlands Reizigersvervoer is het ziekteverzuimcijfer (over alle functies) in 2007 een half procent gestegen ten opzichte van 2006 naar 6,6%. De afgelopen twee maanden is het verzuim onder hoofdconducteurs zelfs gedaald. Het ziekteverzuimcijfer onder hoofdconducteurs was in januari van dit jaar 9,37% en in februari 9,18%. Er is dus sprake van een geringe daling. Van een ‘explosieve stijging’ en van een cijfer ‘tussen de tien en twintig procent’ zoals genoemd in de media is volgens deze gegevens geen sprake. NS neemt de ziekteverzuimproblematiek zeer serieus. Het verzuimcijfer moet omlaag. NS heeft medio 2007 een eenduidig verzuimbeleid ingevoerd met inzet van verzuimmonitoren en pilots met o.a. verzuimbezoekers.

De maatregelen die vanaf de zomer 2007 genomen zijn om het ziekteverzuim terug te dringen, werpen hun vruchten af. Het onderwerp blijft hoog op de agenda staan, ook in het overleg van NS met de vakbonden. NS gaat verder op de ingeslagen weg met maatregelen om het ziekteverzuim terug te dringen.”

Op basis van deze informatie is mijn mening over het ziekteverzuim bij NS dat het bedrijf dit onderwerp serieus neemt en actief maatregelen heeft genomen om het ziekteverzuim aan te pakken.

2.

Kunt u aangeven waarom de werkdruk bij de NS zo toegenomen is? Wat is uw mening hierover?

2.

Ook over de vermeend toegenomen werkdruk heb ik navraag gedaan bij NS. NS meldt mij: “Er is door het ziekteverzuim op sommige plekken in het land druk op de productie, maar niet in die mate dat er treinen moeten uitvallen of dat gegarandeerd verlof niet verstrekt kan worden.” Op basis van deze informatie is mijn mening over de toegenomen werkdruk bij NS dat deze niet onrustbarend is, ook gelet op de aanpak van het ziekteverzuim (zie mijn antwoord op vraag 1).

3.

Deelt u de mening dat een tekort aan personeel een negatieve invloed heeft op de sociale veiligheid? Kunt u uw antwoord toelichten?

3.

Via de vervoerconcessie heb ik NS een zorgplicht opgelegd voor de sociale veiligheid. Via het vervoerplan maak ik elk jaar concrete afspraken met NS over de hoogte van de te bereiken sociale veiligheid. Hoe en met hoeveel personeel NS de afspraken nakomt, is een zaak van NS. Dat behoort tot de dagelijkse bedrijfsvoering. Het is de verantwoordelijkheid van NS is om tijdig te voorzien in voldoende personeel op de trein. Ik constateer dat over 2007 het klantoordeel over sociale veiligheid met 76,1% meer dan voldeed aan de vooraf overeengekomen doelstelling (71,7%) en hoger was dan in voorgaande jaren (2006 71,0%, 2005 71,0%).

Ik deel de mening dat in theorie een tekort aan personeel een negatieve invloed kan hebben op de sociale veiligheid. Maar volgens NS is er in de praktijk op dit moment geen sprake van een tekort aan personeel: “Op elke trein is een hoofdconducteur aanwezig. Daaraan verandert niets. Bovendien zijn in 2007 255 hoofdconducteurs en 150 machinisten geworven en blijven we werven om de bezetting op peil te houden. Verder zijn in 2007 200 servicetrainees geworven en worden er dit jaar nog eens 125 aangenomen.”

4.

Deelt u de mening dat een tekort aan personeel uw ambitie van 5% reizigersgroei in de weg kan staan? Kunt u uw antwoord toelichten?

4.

Zoals gezegd is er volgens NS geen sprake van een tekort aan personeel (zie mijn antwoord op vraag 3). NS kent mijn ambitie van 5% reizigersgroei en steunt deze. In theorie kan een tekort aan personeel de 5% reizigersgroei die we nastreven in de weg staan, maar in de praktijk is dat op dit moment niet aan de orde.

5.

Bent u bereid op te treden, om te voorkomen dat er problemen bij de NS ontstaan door een personeelstekort? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om ervoor te zorgen dat er geen personeelstekort bij de NS zal ontstaan? Zo neen, waarom niet?

5.

In de Nederlandse aansturingsrelatie met NS past het niet dat ik me bemoei met de interne bedrijfsvoering. Daar heb ik ook geen bevoegdheid toe. Ik heb prestatie-afspraken met NS en daar zal ik het bedrijf aan houden. Een eventueel personeelstekort bij NS kan daarbij geen reden zijn om de prestatie-afspraken niet na te komen.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

Camiel Eurlings