Milieueffecten bij waterberging onderzocht

Den Haag – Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland (GS) hebben op 31 maart de startnotitie voor de Milieu effectrapportage (MER) Gouwe Wiericke West vastgesteld. De notitie is de basis voor het onderzoek naar de milieueffecten van herinrichting van het gebied rondom Reeuwijk. Uitgangspunten voor het onderzoek naar de mogelijkheid voor waterberging in de Middelburg en Tempelpolder worden in de notitie helder beschreven.

De gemeente Reeuwijk, Boskoop en Waddinxveen stellen aan de hand van de startnotitie richtlijnen op voor het onderzoek. De richtlijnen geven aan waar het MER-rapport aan moet voldoen. Uitgangspunt in de startnotitie is dat onderzocht moet worden of de problemen in het gebied het best kunnen worden opgelost door waterberging in de Middelburg en Tempelpolder. De waterberging kan een oplossing zijn voor de wateroverlast, het watertekort en de matige waterkwaliteit in het gebied rond Reeuwijk. Ook de toenemende recreatieve druk vanuit de stad en een dalend rendement voor de landbouw vragen om een oplossing. Dat betekent dat de maatregelen moeten leiden tot een precieze afstemming tussen waterbeheer, natuur, recreatie en landbouw.

De andere betrokken partijen hebben de startnotitie goedgekeurd of zullen dat binnenkort doen. Medio april stellen de gemeente Reeuwijk, Boskoop en Waddinxveen de bevolking in de gelegenheid te reageren op de startnotitie. Dit zal via officiële bekendmaking in de krant gebeuren.

Intentieovereenkomst
Op 30 januari 2004 hebben alle betrokken bestuurders al een intentieovereenkomst ondertekend waarin zij afspraken samen de m.e.r.-procedure te starten. De betrokken bestuurders zijn; gemeenten Bodegraven, Boskoop, Reeuwijk, Gouda en Waddinxveen, het hoogheemraadschap van Rijnland en waterschap Wilck en Wiericke en de provincie Zuid-Holland.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Zuid-Holland

Milieueffecten bij waterberging onderzocht | Infrasite

Milieueffecten bij waterberging onderzocht

Den Haag – Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland (GS) hebben op 31 maart de startnotitie voor de Milieu effectrapportage (MER) Gouwe Wiericke West vastgesteld. De notitie is de basis voor het onderzoek naar de milieueffecten van herinrichting van het gebied rondom Reeuwijk. Uitgangspunten voor het onderzoek naar de mogelijkheid voor waterberging in de Middelburg en Tempelpolder worden in de notitie helder beschreven.

De gemeente Reeuwijk, Boskoop en Waddinxveen stellen aan de hand van de startnotitie richtlijnen op voor het onderzoek. De richtlijnen geven aan waar het MER-rapport aan moet voldoen. Uitgangspunt in de startnotitie is dat onderzocht moet worden of de problemen in het gebied het best kunnen worden opgelost door waterberging in de Middelburg en Tempelpolder. De waterberging kan een oplossing zijn voor de wateroverlast, het watertekort en de matige waterkwaliteit in het gebied rond Reeuwijk. Ook de toenemende recreatieve druk vanuit de stad en een dalend rendement voor de landbouw vragen om een oplossing. Dat betekent dat de maatregelen moeten leiden tot een precieze afstemming tussen waterbeheer, natuur, recreatie en landbouw.

De andere betrokken partijen hebben de startnotitie goedgekeurd of zullen dat binnenkort doen. Medio april stellen de gemeente Reeuwijk, Boskoop en Waddinxveen de bevolking in de gelegenheid te reageren op de startnotitie. Dit zal via officiële bekendmaking in de krant gebeuren.

Intentieovereenkomst
Op 30 januari 2004 hebben alle betrokken bestuurders al een intentieovereenkomst ondertekend waarin zij afspraken samen de m.e.r.-procedure te starten. De betrokken bestuurders zijn; gemeenten Bodegraven, Boskoop, Reeuwijk, Gouda en Waddinxveen, het hoogheemraadschap van Rijnland en waterschap Wilck en Wiericke en de provincie Zuid-Holland.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Zuid-Holland