AVBB positief over aanbestedingsrichtlijn

Het Europees Parlement en de Raad van Ministers hebben een akkoord bereikt over nieuwe regels voor aanbestedingen. Het AVBB reageert positief.

Na ruim tien jaar is de Europese richtlijn voor aanbestedingen gemoderniseerd en vereenvoudigd. Alleen ontbreekt nog een formeel akkoord van het Europees Parlement. Het is niet te verwachten dat het parlement roet in het eten zal gooien. Het AVBB is positief over het resultaat uit ‘Brussel’.

Het AVBB herkent in de nieuwe richtlijn een fors aantal opmerkingen die vanuit Nederland zijn ingebracht. In de nieuwe richtlijn zijn belangrijke elementen zoals de vertrouwelijkheid van bedrijfsgegevens en het antileuren gewaarborgd. Voorts is opgenomen dat elektronisch veilen niet geschikt is voor alle werken. Het vergoeden van de kosten van het inschrijven op niet standaardwerken wordt erkend. De objectiviteit van de selectiecriteria is verbeterd.

De actie ligt nu bij de Nederlandse overheid om snel de vertaling van de richtlijn in een Aanbestedingswet neer te leggen. Omdat deze wet voor alle overheden gaat gelden, wordt een einde gemaakt aan de lappendeken van regels, die nu wordt gehanteerd. Het AVBB streeft er naar om bij de Nederlandse invulling van de richtlijn enkele voor ons land en de bedrijfstak belangrijke punten aan te scherpen. Zo zou er een verplichting moeten gaan gelden om een vergoeding voor ontwerpwerkzaamheden te geven bij innovatieve contracten.

Het is jammer, vindt het AVBB, dat het in eerste lezing ingebrachte amendement tot verhoging van de drempelbedragen niet is doorgevoerd. Het was beter geweest dat aanbestedende diensten eerst met wat grotere werken ervaring hadden kunnen opdoen met Europees aanbesteden. Nu is het maar afwachten of publieke aanbesteders voldoende kennis hebben om de richtlijn goed te gaan toepassen.

Verder betreurt het AVBB dat de nieuwe richtlijn onvoldoende helderheid geeft over zogeheten PPS-contracten (publiek-private samenwerking). In Nederland zijn innovatieve contracten in opkomst. Aanbesteders gaan steeds meer prestatie-eisen stellen in plaats van het op de markt brengen van een uitgewerkt bestek met tekeningen. Ook ‘design & construct’ is in opkomst. Ook worden DBFM-contracten (design, build, finance and maintenance ) steeds populairder, mede door tekorten in de overheidsfinanciering.
Vroegtijdige betrokkenheid van het bedrijfsleven bij een project leidt tot de onmogelijkheid voor dat bedrijf mee te dingen voor het verkrijgen van de opdracht vanwege de voorkennis (Chinese wall). Bovendien moeten bedrijven hoge transactiekosten maken bij inschrijving op een DBFM-contract, die maar voor een zeer gering deel door de opdrachtgever worden vergoed. Deze transactiekosten kunnen worden verlaagd, indien het mogelijk wordt de inschrijvers eerder te trechteren. Het is dan ook jammer dat in de nieuwe richtlijn geen aandacht is besteed aan PPS om de belemmeringen op te heffen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht AVBB

AVBB positief over aanbestedingsrichtlijn | Infrasite

AVBB positief over aanbestedingsrichtlijn

Het Europees Parlement en de Raad van Ministers hebben een akkoord bereikt over nieuwe regels voor aanbestedingen. Het AVBB reageert positief.

Na ruim tien jaar is de Europese richtlijn voor aanbestedingen gemoderniseerd en vereenvoudigd. Alleen ontbreekt nog een formeel akkoord van het Europees Parlement. Het is niet te verwachten dat het parlement roet in het eten zal gooien. Het AVBB is positief over het resultaat uit ‘Brussel’.

Het AVBB herkent in de nieuwe richtlijn een fors aantal opmerkingen die vanuit Nederland zijn ingebracht. In de nieuwe richtlijn zijn belangrijke elementen zoals de vertrouwelijkheid van bedrijfsgegevens en het antileuren gewaarborgd. Voorts is opgenomen dat elektronisch veilen niet geschikt is voor alle werken. Het vergoeden van de kosten van het inschrijven op niet standaardwerken wordt erkend. De objectiviteit van de selectiecriteria is verbeterd.

De actie ligt nu bij de Nederlandse overheid om snel de vertaling van de richtlijn in een Aanbestedingswet neer te leggen. Omdat deze wet voor alle overheden gaat gelden, wordt een einde gemaakt aan de lappendeken van regels, die nu wordt gehanteerd. Het AVBB streeft er naar om bij de Nederlandse invulling van de richtlijn enkele voor ons land en de bedrijfstak belangrijke punten aan te scherpen. Zo zou er een verplichting moeten gaan gelden om een vergoeding voor ontwerpwerkzaamheden te geven bij innovatieve contracten.

Het is jammer, vindt het AVBB, dat het in eerste lezing ingebrachte amendement tot verhoging van de drempelbedragen niet is doorgevoerd. Het was beter geweest dat aanbestedende diensten eerst met wat grotere werken ervaring hadden kunnen opdoen met Europees aanbesteden. Nu is het maar afwachten of publieke aanbesteders voldoende kennis hebben om de richtlijn goed te gaan toepassen.

Verder betreurt het AVBB dat de nieuwe richtlijn onvoldoende helderheid geeft over zogeheten PPS-contracten (publiek-private samenwerking). In Nederland zijn innovatieve contracten in opkomst. Aanbesteders gaan steeds meer prestatie-eisen stellen in plaats van het op de markt brengen van een uitgewerkt bestek met tekeningen. Ook ‘design & construct’ is in opkomst. Ook worden DBFM-contracten (design, build, finance and maintenance ) steeds populairder, mede door tekorten in de overheidsfinanciering.
Vroegtijdige betrokkenheid van het bedrijfsleven bij een project leidt tot de onmogelijkheid voor dat bedrijf mee te dingen voor het verkrijgen van de opdracht vanwege de voorkennis (Chinese wall). Bovendien moeten bedrijven hoge transactiekosten maken bij inschrijving op een DBFM-contract, die maar voor een zeer gering deel door de opdrachtgever worden vergoed. Deze transactiekosten kunnen worden verlaagd, indien het mogelijk wordt de inschrijvers eerder te trechteren. Het is dan ook jammer dat in de nieuwe richtlijn geen aandacht is besteed aan PPS om de belemmeringen op te heffen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht AVBB