Onderzoek functioneren waterbeheerders tijdens droogte

De waterbeheerders in Midden-Nederland hebben de droogte in de afgelopen zomer op een goede manier bestreden.

Dit blijkt uit een onderzoek van het COT, Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement. In opdracht van de hoogheemraadschappen van Rijnland, Amstel-Gooi en Vecht, Delfland, Schieland, De Stichtse Rijnlanden en Rijkswaterstaat heeft het COT onderzoek gedaan naar de manier waarop deze waterbeheerders de gevolgen van de droogte in de zomer van 2003 in Midden-Holland hebben beheerst.

De droge zomer van 2003 betekende dat de waterbeheerders in Midden-Nederland vanaf half juli naast het normale waterbeheer ook noodmaatregelen moesten treffen om de effecten van de droogte te bestrijden. Omdat de waterbeheerders op een snelle, maar ook kwalitatief goede en objectieve wijze de manier waarop zij hebben geopereerd beoordeelt wilden zien, is het COT (Crisis Onderzoek Team), als extern instituut, gevraagd hiernaar onderzoek te doen.

Uit het onderzoek van het COT blijkt dat de waterbeheerders inhoudelijk de juiste beslissingen hebben genomen. Bovendien zijn zij binnen hun wettelijke bevoegdheden gebleven. Ook het besluitvormingsproces vond tijdig plaats en was goed georganiseerd.

Kritiekpunt in het rapport is dat in de besluitvorming over de inlaat van minder zoet water de afstemming met de gemeenten en ten dele ook de provincies onvoldoende was. Dit heeft echter niet tot nadelige effecten geleid, maar is zeker een aandachtspunt.

Het rapport
Samenvattend stelt het rapport van het COT:

“Uit de evaluatie blijkt dat het besluitvormingsproces op hoofdlijnen tijdig plaatsvond en goed georganiseerd was. De besluitvorming zelf voldeed op de meest onderdelen aan de in deze evaluatie gehanteerde criteria van rechtmatigheid, proportionaliteit, effectiviteit en afstemming met ander bevoegd gezag. Slechts bij het criterium afstemming met ander bevoegd gezag in de algemene keten kan opgemerkt worden dat dit vooral naar gemeentelijk niveau toe te wensen overliet, terwijl de basisinformatie ontbreekt om de efficiency te kunnen beoordelen. Daarmee kan ook achteraf geconcludeerd worden dat de genomen beslissingen de juiste waren in de context van de zomer 2003”

Na de extreme droogte in 1976 zijn de zogenoemde kleinschalige wateraanvoer voorzieningen, de KWA, aangelegd. Deze voorzieningen moeten bij extreme droogte Midden-Holland via alternatieve routes van zoet water voorzien. Deze aanvoerroutes zijn geschikt om een beperkte droogte te beheersen, maar hebben bij langdurige en extreme droogteperioden niet voldoende capaciteit.

Dit laatste was de afgelopen droogteperiode het geval, waardoor bij de waterbeheerders (de KWA-partners) ook besluiten moesten worden genomen over alternatieven. Het rapport van het COT zegt dat de besluitvorming over de KWA en de alternatieven tijdig is gestart en opgeschaald. De organisatie van die besluitvorming was ook goed ingericht.

De besluiten die werden genomen, waren effectief in die zin dat het peilbeheer in de boezems van de betrokken waterschappen in kwantitatieve en kwalitatieve zin op orde bleef. Dit gebeurde door water in te laten dat in de gegeven omstandigheden zo zoet mogelijk was.

Dat het ingelaten water voor een korte periode een hoger chloridengehalte had dan 250 milligram per liter heeft nauwelijks of geen negatieve gevolgen gehad en het behoorde tot de wettelijke bevoegdheden van de betrokken waterbeheerders.

Alle bekende voor- en nadelen van het inlaten van minder zoet water zijn volgens het COT-rapport door de waterbeheerders voldoende tegen elkaar afgewogen.

Crisis Onderzoek Team
Het COT, Crisis Onderzoek Team, Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement, van de vakgroep Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Leiden, richt zich op onderzoeksactiviteiten op buitengewone omstandigheden. De observaties en analyses van het COT concentreren zich op crisismanagement. Daarbij wordt zowel aandacht besteed aan de politiek-bestuurlijke en operationele besluitvorming van overheidswege als die van andere betrokkenen. Het COT heeft ook onderzoek gedaan naar de rampen die Nederland in het nabije verleden binnen twee gemeenten heeft gekend.

Dit is een gezamenlijk persbericht van:

Hoogheemraadschap van Rijnland
Hoogheemraadschap van Delfland
Hoogheemraadschap van Schieland
Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
Rijkswaterstaat, directie Utrecht
Waterschap Wilck & Wiericke
Waterschap De Oude Rijnstromen
Waterschap Groot Haarlemmermeer

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht Hoogheemraadschap van Rijnland