EVO pleit voor investeringen, innovatie en marktwerking EU-transportbeleid

Verladers positief-kritisch over vandaag gepresenteerd Witboek Transport van de Europese Commissie

De Europese Commissie presenteert vandaag haar plannen voor het EU-transportbeleid. In dit Witboek worden doelen en plannen geformuleerd om tot 2050 het goederenvervoer te optimaliseren, duurzamer en veiliger te maken. Het belangrijkste doel van de Commissie is het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen in de transportsector met 60 procent in 2030. Verladersorganisatie EVO onderschrijft dit doel van harte. Wel vindt zij dat dit alleen kan worden bereikt als de Europese Unie over haar eigen schaduw stapt en gaat investeren in nieuwe technieken, serieus werk maakt van een geliberaliseerd Europees spoornetwerk en beleid voert én afdwingt dat goederenvervoer efficiënter maakt.

Logistiek is belangrijke economische pijler/smeerolie van de economie

Het goederenvervoer is een onmisbare schakel in de Europese economie. Efficiënt goederenvervoer draagt veel bij aan de Europese welvaart. Bovendien zorgt de logistieke en transportsector voor veel werkgelegenheid. Tevens stelt het Nederlandse bedrijven in staat om handel te drijven in een globaliserende wereld en zorgt het voor een snelle en efficiënte afstemming van vraag en aanbod.

Investeer heffingen goederenvervoer in innovatie

De reductie van schadelijke uitstoot met 60 procent is volgens EVO een goede ambitie. De wetenschap leert wel dat klimaat- en milieudoelstellingen eerder worden bereikt door research & development dan door beleid en regelgeving van overheden. Het zou volgens EVO van lef getuigen als de Europese Commissie en nationale overheden dat erkennen en volop gaan samenwerken in het stimuleren van innovatie. Opbrengsten van heffingen die het goederenvervoer betaalt voor vervuiling en gebruik van de infrastructuur moeten in dat kader ook daadwerkelijk geïnvesteerd worden in innovatie. EVO denkt dan bijvoorbeeld aan investeringen in nieuwe aandrijftechnieken (elektrische voertuigen in het personenvervoer) en optimaler gebruik van de bestaande infrastructuur (bijvoorbeeld ITS, SESAR, ERTMS en RIS). Ook moeten Europese en nationale overheden energie-efficiënte voertuigen, zoals de LZV, op het Europese wegennet toelaten.

Meer marktwerking nodig

De Europese Commissie heeft een aantal ambities geformuleerd die moeten leiden tot multimodaliteit. Zo wil de Commissie bijvoorbeeld dat 50 procent van trajecten boven de 300 kilometer met het spoor of de binnenvaart worden afgelegd (2050). EVO heeft op zich geen bezwaar tegen dit doel. Eerlijke concurrentie, ook tussen verschillende modaliteiten, is een goede zaak, evenals het bevorderen van een combinatie van modaliteiten. Wel wijst de organisatie op de verantwoordelijkheid die de Europese Commissie hierin zelf heeft en snelstens moet nemen. EVO wil dat het Europese spoorwegennet zo snel mogelijk volledig wordt geliberaliseerd. Bovendien moeten cabotagebeperkingen worden afgeschaft. Vervoerders moeten vrij zijn om overal hun transportdiensten in de EU aan te bieden, ook om leegrijden te voorkomen.

Eenvoudige regels, eenduidige handhaving

Efficiënt vervoer en daarmee economische groei wordt ook belemmerd door tal van administratieve lasten en regels. EVO dringt er bij de Europese Commissie op aan haast te maken met het uniformeren en vereenvoudigen van regels. Dat zou het goederenvervoer verlossen van veel administratieve rompslomp en onzekerheid over regels en de wijze van handhaving. Zo dient bijvoorbeeld de handhaving van de digitale tachograaf geüniformeerd te worden evenals het beprijzingssyteem dat Europa mogelijk wil maken. Het creëren van een Single European Sky (één Europees luchtruim) en de Maritime Blue Belt (geen douanecontrole communautaire zeevracht) zijn twee tot de verbeelding sprekende voorbeelden waarbij de efficiëntie in het goederenvervoer toeneemt en de lasten voor het bedrijfsleven en de schadelijke effecten van vervoer worden gereduceerd.

Meer investeringen nodig

Europa heeft zich ten doel gesteld de meest concurrerende economie ter wereld te worden (Lissabon-agenda). Volgens EVO is het dan wel noodzaak om de komende decennia de bereikbaarheid van economische centra in Europa veilig te stellen. Het verkeer neemt immers alleen maar toe. Nu al kost congestie de Europese economie jaarlijks 1 procent van het BBP. EVO doet daarom een beroep op de Europese Commissie om boter bij de vis te doen. Zo hard en afrekenbaar als de duurzaamheidsambitie wordt geformuleerd, zo hard moet ook de ambitie van de Commissie zijn om congestie bij alle modaliteiten een halt toe te roepen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: EVO