Uitvoering Europese richtlijn verbetert kwaliteit Nederlandse wateren

Bilthoven – Met een jaarlijkse stijging van de waterschapslasten met 0,7% kan in 2027 in de regionale wateren de helft van de ecologische doelen voor de Europese Kaderrichtlijn Water worden bereikt. Dat is veel minder dan tot nu toe werd verwacht. Door de voorgenomen maatregelen als natuurvriendelijke oevers, vistrappen en het opnieuw laten kronkelen van beken neemt de ecologische kwaliteit (o.a. waterplanten en vissen) van het water sterk toe. De kwaliteit van de rijkswateren (rivieren, grote meren en kanalen) profiteert ook van maatregelen die buiten Nederland worden genomen. Circa een derde van de lastenstijging is het gevolg van extra maatregelen voor de Kaderrichtlijn Water; de rest volgt uit reeds voorgenomen beleid. Dat blijkt uit de Ex ante evaluatie Kaderrichtlijn Water, van het Planbureau voor de Leefomgeving die op 30 mei 2008 verschijnt.

Doelen waarschijnlijk niet allemaal bereikt

Het is niet waarschijnlijk dat alle door de waterschappen voorgestelde doelen voor beken, sloten en kleine meren (regionale wateren) bereikt worden. Om te voorkomen dat Nederland door de Europese Commissie in gebreke wordt gesteld, zou Nederland op termijn lagere doelen kunnen formuleren en/of aanvullende maatregelen treffen. Maatregelen voor de inrichting van beken, vaarten en kanalen blijken daarbij het meest kosteneffectief. Dat geldt ook voor actief visstand beheer in meren. Voor de rijkswateren zijn de voorgestelde doelen waarschijnlijk wel haalbaar, behalve voor de kustwateren.

Fosfaten moeilijk terug te dringen

Uit de studie blijkt dat het heel moeilijk wordt om meststoffen, vooral fosfaten, in het oppervlaktewater terug te dringen. Door landbouw zijn in het verleden in de bodem grote voorraden opgebouwd die zelfs na decennia nog langzaam in het water terecht komen. Dit beïnvloedt de ecologische kwaliteit van het water. Naar verwachting zal in 2027 driekwart van de fosfaten in het oppervlaktewater voortkomen uit landbouwgronden. Zuiveringsmoerassen rond landbouwgebieden kunnen op korte termijn de hoeveelheid fosfaten in het water verlagen, maar er zijn hoge kosten aan verbonden en de effectiviteit is nog onzeker.

Meer informatie
U kunt de studie Ex ante evaluatie Kaderrichtlijn Water downloaden via de website van het MNP

Het Planbureau voor de Leefomgeving* analyseert en agendeert ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen in (inter)nationale context, die van belang zijn voor de leefomgeving van mens, plant en dier. Gevraagd en ongevraagd brengt het planbureau wetenschappelijke verkenningen en beleidsevaluaties uit die relevant zijn voor het kabinetsbeleid.

Net als andere Europese lidstaten dient Nederland de Europese Kaderrichtlijn Water te implementeren. Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft op verzoek van het ministerie van Verkeer en Waterstaat onderzocht in welke mate het voorgestelde maatregelenpakket de ecologische doelstellingen binnen de daarvoor aangegeven periode worden bereikt en welke kosten daarmee zijn gemoeid.

* In het Planbureau voor de Leefomgeving zijn de functies van het bestaande Ruimtelijk Planbureau (RPB) en het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP). Redactie Infrasite

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Milieu- en Natuurplanbureau (MNP)