Bezuinigingen op BDU leiden tot minder OV en meer files

Bezuiniging op BDU kan oplopen tot 2 miljard in 2020

Den Haag – Het IPO, SkVV en VNG hebben de beide bewindslieden van Verkeer en Waterstaat donderdag in het Nationaal Mobiliteitsberaad (NMB) opnieuw op het hart gedrukt om in de begroting voor 2009 met een groter budget te komen voor de regionale mobiliteitsopgaven dan afgelopen jaar. Verdere bezuinigingen leiden onherroepelijk tot afname van het aanbod aan openbaar vervoer en tot minder maatregelen voor doorstroming op wegen.

Gelet op de groei ambitie in het OV en de toenemende knelpunten in de bereikbaarheid van de stedelijke gebieden hebben verdere bezuinigingen een sterk averechts effect op de doelen uit de Nota Mobiliteit. Voor die doelen zal er juist geld bij moeten, want de huidige bezuinigingen op de BDU kunnen oplopen tot een tekort van 2 miljard euro in 2020 voor de decentrale overheden.

Doordat de prijsindex in de BDU maar ten dele wordt uitgekeerd door het rijk lopen de decentrale overheden de komende jaren volgens het ministerie 100 tot 150 miljoen euro mis aan middelen voor de exploitatie van het regionaal OV. Ook al zouden de overheden die korting doorberekenen aan de vervoersbedrijven, dan nog kan de rekening in de prijs voor het OV terugkomen bij de volgende rondes van aanbestedingen. Samen met de bezuiniging van één procent op de groei van de BDU en andere bezuinigingen kan de korting oplopen tot wel 2 miljard euro in 2020.

Zowel de minister als de staatssecretaris gaven aan deze problemen zeer serieus te nemen. Het feit dat zij in het regeerakkoord niet meer financiële ruimte hebben gekregen, proberen zij te compenseren door onder andere FES-middelen (aardgasbaten), in te zetten voor regionale projecten en maatregelen. Maar vanwege de FES-regels kan de minister die middelen niet rechtsreeks in de BDU storten, en dat geldt ook voor enkele andere potjes met geld. Daarom bieden zij aan om via het actieprogramma Regionaal OV en het actieplan Aansluitingen wegen een samenhangend pakket van regionale maatregelen te financieren. Ook is er apart geld voor mobiliteitsprojecten in de regio in het kader van mobiliteitsmanagement. Voor de aansluitingen wegen en de mobiliteitsprojecten zijn respectievelijk 100 en 200 miljoen euro beschikbaar.

Hoeveel extra geld er nodig is voor het actieprogramma Regionaal OV moet eind juni duidelijk zijn. Nu is al wel zeker dat die middelen over meerdere jaren nodig zijn. Méér reizigers in het OV brengen niet alleen een eenmalige post voor infrastructuur met zich mee, maar ook jaarlijks terugkerende extra kosten voor de exploitatie. Omdat het OV niet kostendekkend is, kost elke reiziger extra de overheid ook extra geld. Een voorzichtige schatting leert dat 5 procent groei al gauw 100 tot 150 miljoen euro per jaar meer kost.

Alle maatregelen uit de diverse besproken actieprogramma’s moeten samenkomen in de Mobiliteitsaanpak die rond Prinsjesdag naar de Tweede Kamer gaat. Het IPO gaat ervan uit dat er ook voldoende middelen beschikbaar komen en dat de provincies meebeslissen over de inzet.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Interprovinciaal Overleg (IPO)