Kamerbrief over aanleg spoorlijn Breda-Utrecht

Den Haag – Op 10 maart 2008 heeft Minister Eurlings van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat een brief gezonden aan de Tweede Kamer over de aanleg van een spoorlijn Breda-Utrecht.

Hieronder leest u de volledig brief 20082022 kamervragen van het lid Cramer over de aanleg van een spoorlijn Breda-Utrecht. Kamerstuk | 2008-03-10.

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het lid Cramer over de aanleg van een spoorlijn Breda-Utrecht.

1. Kent u de berichten ‘Spoor Breda-Utrecht’ en ‘Spoorlijn ligt er binnen twintig jaar’?

1. Ja.

2. Kunt u de Kamer, vóór de behandeling van het MIRT, informeren over de resultaten van de studie die thans wordt gedaan naar de vraag of de conclusies van de verkennende studie corridor Breda-Utrecht (BRUT) uit 1999 betreffende deze nieuwe spoorlijn nog steeds geldig zijn?

2. Door mijn ministerie is recent geen onderzoek gedaan naar de mogelijkheid van een spoorlijn Breda – Utrecht en ik kan u de gevraagde resultaten dan ook niet overleggen. In de startnotitie A27 Lunetten – Hooipolder van september 2007 is aangegeven dat de conclusies van het onderzoek uit 1999 nog eens bezien zouden worden op basis van actualisatie van (gebruiks)gegevens. Dat onderzoek gaat starten op grond van de MER-richtlijnen die in voorbereiding zijn. Deze MER-richtlijnen zal ik dit voorjaar vaststellen conform de procedure volgens de Wet Milieubeheer. Ik wacht verder resultaten af van de nu lopende private studie van BAM Rail; mocht het voorgaande vervoergegevens opleveren die tot andere inzichten leiden, dan zal ik met de betrokken partijen in overleg gaan en de resultaten aan u melden.

3. Bent u bereid in deze studie niet alleen de actualisatie van de (gebruiks)cijfers te betrekken maar ook de rol die deze verbinding kan spelen als mogelijke omleidingsroute bij calamiteiten voor de HSL-Zuid, als route voor goederenvervoer en de kansen op deze corridor voor de realisatie van een NS-regiopoort?

3. Zie het antwoord op vraag 2.

4. Deelt u de mening dat de verbetering van de A27 kansen biedt voor de realisatie van de spoorlijn Breda-Utrecht, door onder meer de relatief geringe meerkosten bij gelijktijdige realisatie?

4. Het lijkt mij aannemelijk dat de kosten van de aanleg van een geheel nieuwe spoorlijn aanzienlijk lager zullen uitvallen, wanneer er werk met werk gemaakt kan worden door combinatie van werkzaamheden met de verbreding van de A27. Desondanks zal er sprake zijn van hoge kosten. Door de wethouder van de gemeente Breda is een bedrag van ‘een paar miljard’ genoemd en ook dat lijkt mij een aannemelijke inschatting. Mijn verwachting is overigens dat de nu lopende studie niet alleen de kosten van de spoorlijn berekent, maar ook aangeeft dat een aanzienlijk deel van de kosten te dekken is uit inzet van PPS-mogelijkheden en inbreng van overheden vanwege combinatie met mogelijke light railinitiatieven. Op basis van de LMCA spoor heb ik overigens prioriteit gegeven aan vier andere corridors; dat betekent dat beschikbaar komende middelen voor deze vier corridors zullen worden ingezet. Binnen mijn begroting is geen dekking voor de aanleg van de nieuwe spoorweg voorzien; dat betekent dat elke inzet van middelen voor Breda – Utrecht direct ten koste gaat van andere spoorlijnen.

5. Kunt u een globale inschatting geven van de benodigde investeringen voor een dergelijke spoorverbinding in het geval dat deze zou worden gecombineerd met het A27 project (bijvoorbeeld door het combineren van kunstwerken) en in het geval dat deze los van het A27-project zou worden ontwikkeld?

5. Nee. Deze gegevens zijn niet beschikbaar, zolang de private partij haar onderzoek nog niet heeft afgerond.

6. Bent u bereid in het MER A27 Utrecht-Hooipolder één of meer alternatieven op te nemen waarin een spoorlijn wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld als onderdeel van het Meest Milieuvriendelijk Alternatief? Zo neen, waarom niet?

6. In het kader van het OTB/MER voor de A27 Lunetten – Hooipolder zullen de gebruikscijfers voor een spoorlijn worden geactualiseerd. Indien een spoorverbinding de verkeersproblemen op de A27 kan oplossen, wordt dit als alternatief opgenomen.

Op grond van de gegevens uit 1999 lijkt dat niet waarschijnlijk. In de verdere
uitwerking van het project wordt overigens wel gewerkt aan verbetering van het
openbaar vervoer tussen Breda en Utrecht, waarbij vooral aan de Interliner gedacht
wordt. Hiervoor zijn inmiddels al betere haltevoorzieningen, overstappunten en een transferpunt bij Werkendam gerealiseerd.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

Camiel Eurlings

Achtergrondinformatie (verzorgd door de redactie van Infrasite)
Startnotitie A27 Lunetten-Hooipolder uitgebracht (10-07-2007)

LMCA’s: Groei vervoer groter dan verwacht (19-11-2007)