Eurlings wil groei op spoor stimuleren

Utrecht – Zes intercity’s, betere aansluiting tussen trein en ander openbaar vervoer en verbetering van het voor- en natransport. Dat zijn maatregelen die minister Camiel Eurlings in wil zetten om groei op het spoor te stimuleren.

In de afgelopen jaren is het openbaar vervoer per spoor harder gegroeid dan verwacht. Het kabinet wil de groei vasthouden en heeft voor deze kabinetsperiode de ambitie om het OV per spoor met 5 procent per jaar te laten groeien. Hiervoor presenteerde minister Eurlings op 19 november 2007 het Actieplan ‘Groei op het Spoor’. Voor de realisatie van dit plan heeft hij 200 miljoen euro uitgetrokken. Met diverse maatregelen wil de minister ervoor zorgen dat nieuwe groepen reizigers gebruik gaan maken van de trein en dat huidige gebruikers vaker de trein pakken. De afgelopen maanden heeft VenW met partijen uit de spoorsector, maatschappelijke organisaties, vakbonden, wetenschappers, marketeers en de OV-ambassadeur ideeën verzameld om de groei op korte termijn te kunnen realiseren.

Zo komen er meer en betere P+R-locaties, worden ‘weesfietsen’ op stations verwijderd om de capaciteit van de fietsenstallingen te vergroten en kunnen shuttleservices tussen stations en bedrijvenlocaties kantoren beter bereikbaar maken met het OV. Ook wil de minister senioren op korte termijn laten informeren hoe zij het OV kunnen gebruiken, zodat zij vaker de trein nemen. Daarnaast wil de minister samen met NS een aantrekkelijk aanbod uitwerken om studenten die hun OV-studentenkaart inleveren na het beëindigen van hun studie te behouden voor het spoor.

Voor de lange termijn wil de minister dat het spoor nog beter wordt benut, zodat er nog meer capaciteit vrijkomt. Volgens spoorbeheerder ProRail kan er veel meer met de huidige infrastructuur. In Nederland rijden momenteel over het drukste stuk spoor maximaal 12 treinen per uur terwijl er in principe 30 treinen passen. Door anders te werken en slimmer om te gaan met het bestaande spoor kunnen er op korte termijn al veel meer treinen rijden.

Bert Klerk, voorzitter Raad van Bestuur ProRail, denkt daarbij aan het verplaatsen van seinen (zodat treinen dichter achter elkaar kunnen rijden), snelle inhaalsporen (waardoor langzame treinen kunnen worden ingehaald), verlengen van perrons (zodat langere treinen kunnen rijden), aanpassen stations om groei op te vangen (roltrappen) en het verminderen van kruisende treinen (zodat ze niet meer op elkaar hoeven te wachten). Ook kan worden gekeken of er meer reizigerstreinen in de spits kunnen rijden en buiten de spits meer ruimte te geven aan goederentreinen.

Op de drukste trajecten wil minister Eurlings samen met NS en ProRail een frequentie mogelijk maken van minimaal zes intercity’s per uur in de spits. Het gaat daarbij om de trajecten Den Haag-Rotterdam-Dordrecht, Eindhoven-Utrecht-Amsterdam, Arnhem-Utrecht-Schiphol en Den Haag-Schiphol-Almere. Ook streeft de minister naar maatwerk bij de Sprinters in een aantal stedelijke netwerken. Door dit hoogfrequente vervoer kan de reiziger in de toekomst zonder spoorboekje reizen. Op enkele trajecten zijn voor hoogfrequent spoorvervoer investeringen in de infrastructuur noodzakelijk. In totaal gaat het om 4,5 miljard euro. Voordat de minister de planstudies voor deze capaciteitsvergroting wil starten, wil hij zicht hebben op de financiële dekking.

Aad Veenman, president-directeur van NS gaf aan dat de tevredenheid over de dienstverlening van NS nog steeds een stijgende lijn vertoont. In de spits in de Randstad hebben de NS-treinen een marktaandeel van 40 tot 60 procent. Volgens Veenman geeft het actieplan een impuls om de kwaliteit van de dienstverlening aan de treinreizigers verder te verbeteren en biedt het ruimte aan voortzetting van de groei.

Om de groei van het goederenvervoer in de toekomst mogelijk te maken, gaat minister Eurlings een toekomstvaste routestrategie voor het goederenvervoer ontwikkelen, waarbij maximaal gebruik wordt gemaakt van de Betuweroute. Dat schept ruimte op de rest van het net, bijvoorbeeld in Brabant en Zuid-Holland.

Toespraak Minister Eurlings
Minister Eurlings presenteerde maandag 19 november het Actieplan Spoor en de Landelijke markt- en capaciteitsanalyse (LMCA) Spoor. Hij deed dat samen met de president-directeur van NS, Veenman, en de directeur-generaal van ProRail, Klerk. Eurlings zei dat de komende vier jaar 200 miljoen extra beschikbaar is voor maatregelen om het gebruik van de trein gemakkelijker en comfortabeler te maken. Na 2012 zijn flinke investeringen nodig om de aanhoudende groei van het treinverkeer niet te blokkeren. Op den duur gaan zes intercity’s per uur in elke richting rijden op de drukste trajecten.

U vindt de volledige toespraak “de presentatie van het Actieplan Spoor en de uitkomsten van de Landelijke Markt- en Capaciteitsanalyse Spoor”. Toespraak | 19-11-2007 | Den Haag | Minister Camiel Eurlings. op www.verkeerenwaterstaat.nl onder Toespraken

Meer informatie
20079322 Beleidsbrief Netwerkaanpak; aanbieding Actieplan. Publicatiedatum: 19-11-2007 | stukdatum: 19-11-2007. Deze brief vindt u op de website van VenW onder kamerstukken (zoekt u op datum) De brief telt 4 bijlagen:

  • 1. Landelijke Markt- en Capaciteitsanalyses Spoor;
  • 2. Actieplan ‘Groei op het Spoor’;
  • 3. Landelijke Markt- en Capaciteitsanalyses Regionaal OV;
  • 4. Landelijke Markt- en Capaciteitsanalyses wegen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht Ministerie van Verkeer en Waterstaat