Provincies bezorgd over vertraging chipkaart

Den Haag – Provincies en kaderwetgebieden zijn bezorgd over de vertraging van de pilot in Rotterdam. Onduidelijk is nu welke gevolgen dit heeft voor het definitieve beslissingsmoment (doorgaan of stoppen) en de bijbehorende bestuursovereenkomsten, zo lieten zij betrokken partijen vorige week weten tijdens het Nationaal Mobiliteitsberaad. Dat moment schuift nu op naar eind 2005 of zelfs begin 2006. Er komen negentien individuele overeenkomsten ter ondertekening door alle OV autoriteiten en een gezamenlijke oplegnotitie waarin de overheden hun gemeenschappelijke intenties uitspreken. In de overeenkomsten wordt de datum voor het beslissingsmoment vervangen door een procesafspraak dat die beslissing er zo snel mogelijk komt. V&W onderzoekt de mogelijkheid om de € 80 miljoen subsidie conform het verzoek van de decentrale overheden al op het moment van ondertekening ter beschikking te stellen, en niet te wachten tot het beslissingsmoment.

Nota Mobiliteit
Tijdens het overleg vorige week is ook gesproken over de conceptnota Mobiliteit deel 3. Die geeft een goed beeld hoe de overheden denken over het werken aan een betere bereikbaarheid voor 2020. Centraal wat moet, decentraal wat kan; en betrouwbare reistijden over het hele wegennet, van deur tot deur. De netwerkanalyses in alle provincies en regio’s zullen worden gebruikt om keuzes te maken in welke knelpunten op welke wijze en op welk moment moeten worden aangepakt.

Flexibel MIT
De uitkomsten van de netwerkanalyses zullen ook een rol spelen bij de toedeling van de middelen uit het MIT na 2015. Afgesproken is dat de gezamenlijke inzet is om knelpunten en projecten wel te benoemen, maar de besteding van de middelen nu nog niet vast te leggen. Door die besteding nu nog flexibel te houden worden pas prioriteiten gesteld als er meer inzicht is in de meest noodzakelijke en effectieve maatregelen.

Bdu
De uitkomsten van de netwerkanalyses kunnen ook een rol spelen bij de herijking van de BDU in 2007. Daarvoor is het nodig dat ze onderling vergelijkbaar zijn en op tijd klaar zijn. Via het KPVV wordt in overleg met de betrokken overheden een handleiding gemaakt om het proces te ondersteunen. De uitvoeringsagenda is nu nog vooral een rijksagenda en bevat eigenlijk te veel beleidsteksten. De regio’s worden opgeroepen nog snel met voorstellen te komen om er een meer gezamenlijke agenda van te maken. Bij de update over twee jaar moet dat zeker mogelijk zijn.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Interprovinciaal Overleg