Grontmij op koers in 2004

De Bilt –
– Resultaat na belastingen EUR 14,3 miljoen (2003: EUR 4,9 miljoen)
– Omzet EUR 474 miljoen (2003: EUR 481 miljoen)
– Dividendvoorstel EUR 1,76 per aandeel (2003: EUR 0,76 per aandeel)
– Vooruitzichten 2005: verdere verbetering van winstgevendheid

Grontmij realiseerde in 2004 een resultaat na belastingen van EUR 14,3 miljoen (2003: EUR 4,9 miljoen). De stijging van het resultaat na belastingen is voornamelijk toe te schrijven aan een structurele kostenreductie bij de Advies- & Ingenieursbureaus.

Omzet en resultaat 2004
De omzet van Grontmij in 2004 bedroeg EUR 474 miljoen (2003: EUR 481 miljoen). Deze daling is met name het gevolg van een afname van de bruto-opbrengsten (omzet minus projectkosten van derden) met 4% naar EUR 290 miljoen (2003: EUR 302 miljoen). De daling van de bruto-opbrengsten weerspiegelt de moeilijke marktomstandigheden in Nederland.

Het totale aantal fte’s is met circa 375 afgenomen ten opzichte van ultimo 2003. De bedrijfslasten zijn dientengevolge gedaald met10% naar EUR 275 miljoen (2003: EUR 305 miljoen). Bij de analyse van de lastendaling dient de in 2003 getroffen reorganisatievoorziening van EUR 13,5 miljoen in aanmerking te worden genomen.

Het resultaat na belastingen is in 2004 gestegen tot EUR 14,3 miljoen (2003: EUR 4,9 miljoen). Het resultaat na belastingen per aandeel komt daarmee uit op EUR 3,53 (2003: EUR 1,22).

De marge voor rente en belastingen was in 2004 voor de Advies- & Ingenieursbureaus 4,1% (2003: 2,5%). Voor Ontwikkeling & Exploitatie kwam deze uit op 6,0% (2003: 5,0%).

Balans en financiering
De netto kaspositie in de balans is verder gestegen tot EUR 27 miljoen (2003: EUR 5 miljoen). De netto kaspositie is verbeterd door een verdere vermindering van het werkkapitaal en door de inkomende kasstroom als gevolg van de verkoop van de activiteiten op het gebied van delfstoffenwinning (ruim EUR 13 miljoen). Hierbij moet bedacht worden dat er in 2004 een substantiële uitgaande kasstroom is geweest, enerzijds als gevolg van de betaling van dividend over 2003 en anderzijds door onttrekkingen in 2004 aan de in 2003 getroffen reorganisatievoorziening.

Het balanstotaal per ultimo 2004 is EUR 280 miljoen (ultimo 2003: EUR 280 miljoen). De ratio groepsvermogen/balanstotaal is toegenomen tot 44% (ultimo 2003: 40%).

De langlopende schulden zijn door aflossing verder verlaagd tot EUR 8,6 miljoen (ultimo 2003: EUR 14,8 miljoen).

Winst per aandeel en dividend
Ultimo 2004 was het aantal uitstaande aandelen 4.041.230 stuks (ultimo 2003: 4.041.230 stuks). Het resultaat na belastingen per aandeel bedraagt EUR 3,53 (2003: EUR 1,22).

Gelet op de ontwikkeling van de vennootschap heeft zij haar dividendbeleid gewijzigd. Grontmij streeft naar een jaarlijkse stijging van de winst per aandeel en streeft ernaar om de aandeelhouders van deze stijging te laten profiteren. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de verwachte verhoogde volatiliteit die de invoering van de International Financial Reporting Standards (IFRS) met zich mee zal brengen.

Ten aanzien van het dividendvoorstel over 2004 zijn de verbetering van de solvabiliteit en de liquiditeit in aanmerking genomen. Daardoor is het gerechtvaardigd om het dividend per aandeel met EUR 1,00 te verhogen naar EUR 1,76 per aandeel (2003: EUR 0,76 per aandeel). Het dividend wordt uitsluitend in contanten uitgekeerd.

Reorganisatie
De ingezette reorganisatie van de Advies- & Ingenieursbureaus voltrekt zich volgens plan. De doelstelling om de kosten structureel te verlagen met EUR 15-20 miljoen op jaarbasis vanaf 2005 (exclusief autonome kostenstijgingen), is nagenoeg geheel in 2004 gerealiseerd.

Door de reorganisatie gaat het aantal kantoorlocaties in Nederland in de komende periode terug van dertig naar circa twintig. In de periode 2004-2005 wordt het aantal managers en medewerkers in ondersteunende diensten met in totaal 235 verminderd. Per 31 december 2004 is het aantal managers en medewerkers in ondersteunende diensten met circa 185 verlaagd ten opzichte van ultimo 2003.

Aanpassing portfolio
In haar persbericht van 11 maart 2004 heeft Grontmij aangekondigd dat zij in 2004 en 2005 de omvang van de kapitaalintensieve activiteiten, gebundeld in Ontwikkeling & Exploitatie, stapsgewijs zal verkleinen via desinvesteringen. De opbrengsten zullen in eerste instantie worden aangewend om de rentedragende schulden verder te reduceren dan wel de kaspositie te versterken om in de groei van de Advies- & Ingenieursbureaus te investeren.

Tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders d.d. 19 mei 2004 is het voorgenomen besluit tot desinvestering van de kapitaalintensieve activiteiten door de aandeelhouders goedgekeurd.

In december 2004 zijn de activiteiten op het gebied van delfstoffenwinning, ondergebracht in dochteronderneming Delgromij, het 24,5% belang in SBI Friesland (reststoffenverwerking) en een deel van het belang in Grondzicht (vastgoedontwikkeling) verkocht. Genoemde desinvesteringen hebben voor de onderneming per saldo tot een netto boekwinst geleid van circa EUR 2 miljoen.

Het desinvesteringsproces van de bedrijfsonderdelen in de vastgoedontwikkeling is in volle gang. De complexiteit en samenstelling van de betrokken ondernemingen vereisen echter de nodige zorgvuldigheid. Wij verwachten de desinvesteringen van de vastgoedontwikkelingsactiviteiten in 2005 af te kunnen ronden. De voorbereiding van de verkoop van de activiteiten op het gebied van reststoffenverwerking is begin 2005 gestart.

Met de acquisitie van de ingenieursbureaus AEW en Auweck + Partner in december 2004 is op beperkte schaal geïnvesteerd in de uitbreiding van het kantorennetwerk in de thuismarkt Duitsland.

Invoering IFRS
Vanaf 2005 zal Grontmij de International Financial Reporting Standards (IFRS) toepassen als basis voor de financiële rapportage. In de rapportage over 2005 zullen de vergelijkende cijfers over 2004 zijn aangepast aan de IFRS-standaarden.

Nadrukkelijk dient te worden vermeld dat het gaat om een wijziging van de boekhoudregels. Dit betekent dat de toepassing van IFRS op langere termijn zal resulteren in eenzelfde resultaat en vermogen als de toepassing van de huidige Dutch General Accepted Accounting Principles (Dutch GAAP) en geen directe invloed heeft op de cashflow.

Grontmij heeft een groot aantal deelnemingen dat is opgenomen onder de financiële vaste activa. Ook voor deze deelnemingen zal Grontmij de boekhoudgrondslagen aanpassen aan IFRS.

Onderhanden werk
IFRS vereist dat de verschillende bedragen verschuldigd door en aan opdrachtgevers als afzonderlijke actief- en passiefposten in de balans worden gepresenteerd. In het verleden werd onder het onderhanden werk het netto saldo van de bovenaangegeven posten gepresenteerd. Deze aanpassing heeft geen invloed op de omvang van het eigen vermogen en het resultaat. Wel is een verlenging van de balans te verwachten.

Pensioenverplichtingen
Grontmij heeft de uitvoering van de aan de medewerkers toegezegde pensioenaanspraken ondergebracht in de Stichting Pensioenfonds Grontmij. De in het verleden gedane toezeggingen dienen als eindloonregelingen te worden geclassificeerd. De aard van deze toezegging betekent dat Grontmij verantwoordelijk is voor de nakoming van de toezegging. Dit leidt onder IFRS tot opname van een verplichting in de balans voor zover de waardering op basis van IFRS van de toekomstige verplichtingen de waardering van toekomstige activa overschrijdt. Ten einde de invloed op het eigen vermogen en resultaat in de toekomst beter te beheersen, wordt de huidige regeling vervangen door een hybride regeling, waarbij de eindloonregeling tot een bepaald maximum salaris wordt gehandhaafd met daarboven een beschikbare premieregeling.

De aan medewerkers gedane toezeggingen voor vervroegde uittreding (VUT) zijn in dit kader als pensioen behandeld.

Reststoffenverwerking
Onder IFRS dient een voorziening te worden opgebouwd door de volledige verplichting te kwantificeren en te passiveren. Vervolgens wordt de opbouw door een actiefpost in aanmerking genomen die het effect van de opbouw tijdens de geschatte economische levensduur weergeeft. Deze actiefpost wordt gedurende de levensduur afgeschreven. Deze aanpassing heeft geen invloed op de omvang van het eigen vermogen en het resultaat. Wel is een verlenging van de balans te verwachten.

Omzetbegrip en realisatie van resultaat op onderhanden werk
Er zijn zeker verschillen te onderkennen tussen IFRS en Dutch GAAP over de wijze van bepaling van omzet en resultaat. De dienstverlening van Grontmij bestaat uit een zeer groot aantal kleine projecten. Daardoor kan worden verwacht dat de toepassing van IFRS per saldo niet zal leiden tot grote invloed op de omzet en het resultaat.

Samenstelling Raad van Commissarissen
Per het tijdstip van sluiting van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders treden volgens het rooster de heren G.J.A. van der Lugt en F.L.V. Meysman af. De heer Van der Lugt stelt zich niet herbenoembaar.

De Raad van Commissarissen draagt de heren J.H.J. Zegering Hadders en S.E. Eisma voor tot benoeming en de heer F.L.V. Meysman voor tot herbenoeming door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. Alle kandidaten passen binnen de profielschets van de Raad van Commissarissen. De Raad van Commissarissen bestaat na deze benoemingen uit zes leden.

De heer Zegering Hadders is CEO van ING Nederland. Hij zal binnen de Raad van Commissarissen de heer Van der Lugt opvolgen als financieel expert in de zin van ‘best practice’ bepaling III.3.2 van de Nederlandse Corporate Governance Code. De heer Eisma is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek. Hij is onder meer expert op het gebied van corporate governance.

Bovenvermelde voordrachten zijn in samenspraak met de Ondernemingsraad tot stand gekomen. De Ondernemingsraad heeft voor deze benoemingen besloten af te zien van zijn versterkt recht van aanbeveling en heeft positief geadviseerd. De Ondernemingsraad zal bij de eerstvolgende benoeming wel gebruik maken van zijn versterkt recht van aanbeveling.

Vooruitzichten 2005
In 2004 is van enige groei in onze sector geen sprake geweest. Dit is conform de verwachtingen van een jaar geleden. Grontmij voorziet dat 2005 een jaar wordt dat, wat de orderontwikkeling betreft in Nederland, België en Duitsland, sterk op 2004 zal lijken. Enig marktherstel wordt niet eerder verwacht dan in de tweede helft van 2005.

Grontmij heeft de organisatiestructuur vereenvoudigd, de kostenbasis sterk verlaagd en schulden verder gesaneerd. In de dagelijkse werkzaamheden ligt de nadruk op klanten en kasstromen. Het desinvesteringsprogramma wordt verder uitgevoerd. Dit betreft met name de kapitaalintensieve bedrijven op het gebied van vastgoedontwikkeling en reststoffenverwerking. Grontmij gaat daarnaast door met het uitbreiden van haar regionale kantorennetwerk vooral in de verstedelijkte gebieden van haar thuismarkten (Nederland, België en Duitsland) en in haar focuslanden (Polen, Hongarije, Tsjechië).

Exclusief incidentele baten en lasten verwacht Grontmij in 2005 een verder herstel van haar winstgevendheid in vergelijking tot 2004.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Grontmij nv