Akkoord Peijs en Norder Lightrail RijnGouweLijn Oost

Den Haag – In 2010 zijn Gouda en Leiden op een snelle en eenvoudige wijze met elkaar verbonden via de RijnGouweLijn, het lightrailproject van de provincie Zuid-Holland. Dat hebben minister Peijs van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde Marnix Norder met elkaar besproken. Het ministerie draagt maximaal 140 miljoen euro bij aan de RijnGouweLijn Oost, de provincie en gemeenten ongeveer 90 miljoen euro.

Het gaat bij de RijnGouweLijn om een pilot, waarbij met lightrailvoertuigen gereden wordt van Gouda via Alphen aan den Rijn door het centrum van Leiden en vervolgens naar het transferium A44. In het projectvoorstel wordt uitgegaan van lightrailtreinen, die deels als tram in de binnenstad rijden en deels samen met (snel-)treinen gebruik maken van het hoofdspoornet. In Karlsruhe en Straatsburg vinden soortgelijke projecten plaats.Het is voor het eerst in Nederland dat er op deze wijze een openbaar vervoer verbinding tot stand komt. Het project heeft daarom een bijzonder karakter: er wordt ervaring opgedaan met deze vorm van vervoer maar er komen extra kosten bij kijken om voor de eerste keer in Nederland zoiets te doen. Dit was aanleiding voor minister Peijs voor deze lightrailverbinding een extra grote reservering te doen in de begroting van Verkeer en Waterstaat.

Regionaal ov-project
De RijnGouweLijn Oost is in feite een regionaal OV-project, waarvoor de bevoegdheden zijn gedecentraliseerd. De provincie Zuid-Holland is daarom verantwoordelijk voor de voorbereiding, besluitvorming, aanleg en exploitatie van de OV-verbinding. Gedeputeerde Marnix Norder toonde zich erg tevreden met dit resultaat. Niet alleen omdat er nu duidelijkheid is over een snelle, doeltreffende openbaar vervoer verbinding in het Groene Hart, maar ook om de kansen die het biedt aan de hele regio. De RijnGouweLijn moet de ruggengraat worden van economische en sociale ontwikkeling, maar met behoud van de waarden van het Groene Hart.
De honderdduizenden inwoners van het gebied hebben baat bij de komst van de lijn. Immers Gouda, Alphen, Leiden en de tussenliggende gemeenten worden op een hoogwaardige manier met elkaar verbonden. Onderzoek leert dat de RijnGouweLijn Oost de regio 199 miljoen euro oplevert.

Bij de presentatie van de plannen prees de gedeputeerde de durf van de minister om samen met de regio zo’n uniek en grootschalig project neer te zetten. Naast de ontwikkeling van de lijn en de stations, gaat de regio de gebieden rond de stations ontwikkelen. De RijnGouweLijn biedt de mogelijkheid het Groene Hart te sparen en de ontwikkeling van woningbouw en kantoren te concentreren rond een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding zoals in de Nota ruimte is verwoord.

Planning
De uitwerking van de plannen wordt nog besproken met Provinciale Staten. Daarna wil de provincie een bestuurlijke overeenkomst sluiten met de gemeenten langs het tracé. Voor verscheidene tracédelen, bijvoorbeeld voor het traject door Leiden, wordt inmiddels gewerkt aan het ontwerp. Tussen 2007 en 2010 vindt de feitelijke aanleg plaats. Naar verwachting rijden in 2010 de eerste voertuigen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Akkoord Peijs en Norder Lightrail RijnGouweLijn Oost | Infrasite

Akkoord Peijs en Norder Lightrail RijnGouweLijn Oost

Den Haag – In 2010 zijn Gouda en Leiden op een snelle en eenvoudige wijze met elkaar verbonden via de RijnGouweLijn, het lightrailproject van de provincie Zuid-Holland. Dat hebben minister Peijs van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde Marnix Norder met elkaar besproken. Het ministerie draagt maximaal 140 miljoen euro bij aan de RijnGouweLijn Oost, de provincie en gemeenten ongeveer 90 miljoen euro.

Het gaat bij de RijnGouweLijn om een pilot, waarbij met lightrailvoertuigen gereden wordt van Gouda via Alphen aan den Rijn door het centrum van Leiden en vervolgens naar het transferium A44. In het projectvoorstel wordt uitgegaan van lightrailtreinen, die deels als tram in de binnenstad rijden en deels samen met (snel-)treinen gebruik maken van het hoofdspoornet. In Karlsruhe en Straatsburg vinden soortgelijke projecten plaats.Het is voor het eerst in Nederland dat er op deze wijze een openbaar vervoer verbinding tot stand komt. Het project heeft daarom een bijzonder karakter: er wordt ervaring opgedaan met deze vorm van vervoer maar er komen extra kosten bij kijken om voor de eerste keer in Nederland zoiets te doen. Dit was aanleiding voor minister Peijs voor deze lightrailverbinding een extra grote reservering te doen in de begroting van Verkeer en Waterstaat.

Regionaal ov-project
De RijnGouweLijn Oost is in feite een regionaal OV-project, waarvoor de bevoegdheden zijn gedecentraliseerd. De provincie Zuid-Holland is daarom verantwoordelijk voor de voorbereiding, besluitvorming, aanleg en exploitatie van de OV-verbinding. Gedeputeerde Marnix Norder toonde zich erg tevreden met dit resultaat. Niet alleen omdat er nu duidelijkheid is over een snelle, doeltreffende openbaar vervoer verbinding in het Groene Hart, maar ook om de kansen die het biedt aan de hele regio. De RijnGouweLijn moet de ruggengraat worden van economische en sociale ontwikkeling, maar met behoud van de waarden van het Groene Hart.
De honderdduizenden inwoners van het gebied hebben baat bij de komst van de lijn. Immers Gouda, Alphen, Leiden en de tussenliggende gemeenten worden op een hoogwaardige manier met elkaar verbonden. Onderzoek leert dat de RijnGouweLijn Oost de regio 199 miljoen euro oplevert.

Bij de presentatie van de plannen prees de gedeputeerde de durf van de minister om samen met de regio zo’n uniek en grootschalig project neer te zetten. Naast de ontwikkeling van de lijn en de stations, gaat de regio de gebieden rond de stations ontwikkelen. De RijnGouweLijn biedt de mogelijkheid het Groene Hart te sparen en de ontwikkeling van woningbouw en kantoren te concentreren rond een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding zoals in de Nota ruimte is verwoord.

Planning
De uitwerking van de plannen wordt nog besproken met Provinciale Staten. Daarna wil de provincie een bestuurlijke overeenkomst sluiten met de gemeenten langs het tracé. Voor verscheidene tracédelen, bijvoorbeeld voor het traject door Leiden, wordt inmiddels gewerkt aan het ontwerp. Tussen 2007 en 2010 vindt de feitelijke aanleg plaats. Naar verwachting rijden in 2010 de eerste voertuigen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht Ministerie van Verkeer en Waterstaat