Geen nieuw beleid voor windenergie Friesland

Leeuwarden – Uit de evaluatie van het provinciale plan voor windenergie ‘Windstreek 2000’ blijkt dat het realiseren van clusters van windmolens en het saneren van solitaire windturbines meer tijd kost dan verwacht. Echter gezien het aanzienlijke aantal ‘opschalingsclusters’ dat in voorbereiding is, denkt het college van gedeputeerde staten dat het efficiënter is om de uitvoering van het beleid te verbeteren via maatwerk per project in plaats van nieuw algemeen beleid voor windenergie te ontwikkelen.

In december 2005 hebben Provinciale Staten de kaders voor de evaluatie van Windstreek 2000 vastgesteld. Grontmij heeft dit uitgewerkt in een evaluatierapport dat op 14 november 2007 werd gepubliceerd. Het college van GS stelt voor op één concreet punt het beleid wel aan te passen door een extra regeling in te stellen die kleine windturbines – met een wiek van maximaal 3,5 meter – in het buitengebied tegen moet gaan. Deze kleine windturbines vallen nu nog niet onder het beleid. Gedurende de resterende looptijd van het windenergiebeleid (tot 2010) willen GS vooral inzetten op ondersteuning van gemeenten en initiatiefnemers bij de totstandkoming van opschalingsclusters. Uit de evaluatie komt naar voren dat gemeenten een belangrijke rol zouden moeten hebben bij de ontwikkeling van deze clusters van windmolens. Inmiddels is er in Fryslân 134 megawatt gerealiseerd, waarvan 71 megawatt binnen de looptijd van Windstreek 2000. Het college van GS legt in februari 2008 de voorstellen voor aan Provinciale Staten en nodigt hen uit het debat te gaan voeren over het toekomstige windenergiebeleid na 2010.

Het rapport Evaluatie Windstreek 2000 (Punt 8 op de persbesluitenlijst) kunt u vinden op www.fryslan.nl

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Fryslân

Geen nieuw beleid voor windenergie Friesland | Infrasite

Geen nieuw beleid voor windenergie Friesland

Leeuwarden – Uit de evaluatie van het provinciale plan voor windenergie ‘Windstreek 2000’ blijkt dat het realiseren van clusters van windmolens en het saneren van solitaire windturbines meer tijd kost dan verwacht. Echter gezien het aanzienlijke aantal ‘opschalingsclusters’ dat in voorbereiding is, denkt het college van gedeputeerde staten dat het efficiënter is om de uitvoering van het beleid te verbeteren via maatwerk per project in plaats van nieuw algemeen beleid voor windenergie te ontwikkelen.

In december 2005 hebben Provinciale Staten de kaders voor de evaluatie van Windstreek 2000 vastgesteld. Grontmij heeft dit uitgewerkt in een evaluatierapport dat op 14 november 2007 werd gepubliceerd. Het college van GS stelt voor op één concreet punt het beleid wel aan te passen door een extra regeling in te stellen die kleine windturbines – met een wiek van maximaal 3,5 meter – in het buitengebied tegen moet gaan. Deze kleine windturbines vallen nu nog niet onder het beleid. Gedurende de resterende looptijd van het windenergiebeleid (tot 2010) willen GS vooral inzetten op ondersteuning van gemeenten en initiatiefnemers bij de totstandkoming van opschalingsclusters. Uit de evaluatie komt naar voren dat gemeenten een belangrijke rol zouden moeten hebben bij de ontwikkeling van deze clusters van windmolens. Inmiddels is er in Fryslân 134 megawatt gerealiseerd, waarvan 71 megawatt binnen de looptijd van Windstreek 2000. Het college van GS legt in februari 2008 de voorstellen voor aan Provinciale Staten en nodigt hen uit het debat te gaan voeren over het toekomstige windenergiebeleid na 2010.

Het rapport Evaluatie Windstreek 2000 (Punt 8 op de persbesluitenlijst) kunt u vinden op www.fryslan.nl

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Persbericht provincie Fryslân