Bodem Noord-Zuidlijn op enkele plaatsen verstevigd

Amsterdam – Op enkele plaatsen waar de twee tunnels dicht bij de fundering komen, is extra voorzichtigheid geboden. Daar wordt de bodem met gebruikmaking van een bijzondere techniek verstevigd.

De aanleg van de Noord/Zuidlijn bereikt in 2007 een volgende fase: Vanaf de kop van het Damrak tot aan het Scheldeplein gaan in 2007 twee grote tunnelboormachines twee tunnels graven onder de historische binnenstad van Amsterdam.

Het grootste deel van de Noord/Zuidlijn loopt onder wegen en straten en dus niet onder huizen of gebouwen. Op enkele plaatsen waar de twee tunnels dicht bij de fundering komen, is extra voorzichtigheid geboden. Daar wordt de bodem met gebruikmaking van een bijzondere techniek verstevigd: compenserende groutinjectie, ofwel bodemversteviging.

Veiligheid en zekerheid staan voorop
In de afgelopen decennia is veel onderzoek gedaan naar de vraag of een tunnelboormachine (7 meter in doorsnede en 60 meter lang!) veilig en verantwoord een tunnel kan graven onder de kwetsbare Amsterdamse binnenstad. Het resultaat van al die onderzoeken was dat het met de huidige stand van de techniek mogelijk is om zo�n tunnel te maken. Daarom is ook besloten de Noord/Zuidlijn aan te leggen. Hoe dan ook, veiligheid en zekerheid staan voorop. Teveel zekerheid bij de aanleg bestaat niet.

Om risico’s bij de aanleg van de Noord/Zuidlijn uit te sluiten zijn de funderingen van alle panden langs het tracé onderzocht. Waar de fundering in slechte staat was, is funderingsherstel uitgevoerd, vaak met subsidie van de gemeente Amsterdam. Op een paar plaatsen in de stad wil de gemeente voor alle zekerheid meer doen dan funderingsherstel alleen. Het gaat daarbij om plaatsen waar de tunnelboren dichtbij funderingen komen, zoals bij de Bijenkorf en Madame Tussauds.

Bodemversteviging
Om het gevolg van een mogelijke ondergrondse beweging die de tunnelboormachines veroorzaken teniet te doen wordt de grond onder de fundering van deze gebouwen als het ware opgevuld door het injecteren van kleine hoeveelheden van een water-cement-mengsel (grout). Dat gebeurt met lange dunne boorlansen (soms wel 50 meter lang) vanuit een ondergrondse schacht. De lansen hebben om de meter een kleine opening waardoor het mengsel in de grond komt.

Bodemversteviging (in technische termen ‘compenserende groutinjecties’ geheten) is een preventieve maatregel die vooral bedoeld is om verplaatsingen in de ondergrond te minimaliseren. De techniek is in het buitenland veelvuldig toegepast, onder andere bij de bouw van de Jubilee Line Extension in Londen en bij de aanleg van de HSL onder station Antwerpen Centraal.

Monitoring
Om constant en nauwlettend in de gaten te kunnen houden wat de effecten zijn van de werkzaamheden op de omliggende panden, is langs het geboorde tracé van de Noord/Zuidlijn een geavanceerd computergestuurd meetsysteem aangebracht op gebouwen en in het straatoppervlak. Voor, tijdens en na de bouw worden 24 uur per dag metingen verricht, zowel ondergronds als bovengronds.

Met de boven- en ondergrondse metingen is op ieder moment duidelijk welke bewegingen zich langs het tracé voordoen. Het meetsysteem signaleert het meteen als een gebouw te veel beweging vertoont, maar ook als er in de ondergrondse bodemlagen teveel beweging is. Als dat nodig is, kunnen direct maatregelen worden getroffen.

Waar wordt gewerkt?
Om de werkzaamheden uit te kunnen voeren zijn op straatniveau voor circa 9 tot 10 maanden werkterreinen nodig. Eerst moet op de gekozen plaats ruimte worden gemaakt: kabels en leidingen die in de weg liggen worden verplaatst en eventuele lantaarnpalen en ander straatmeubilair worden tijdelijk verwijderd.

Bomen waar niet omheen kan worden gewerkt, worden tijdelijk naar een depot verplaatst. Dan wordt er een betonnen schacht gemaakt (tot zo’n 15 meter diep) van waaruit een waaier aan boorlansen de grond in gaat.

De lokaties waar de bodemversteviging (in technische termen ‘compenserende groutinjecties’ geheten) zijn:
– Bijenkorf
– Madame Tussaud
– Industria
– Muntplein
– Heinekentoren
– Stalpertstraat
– Saenredamstraat
– Brug 404

Bij de lokaties in stadsdeel Oud Zuid moet een voorbehoud gemaakt worden. Momenteel wordt nog onderzocht of er ook nog alternatieve lokaties zijn. Dit onderzoek spitst zich vooral toe op het gebied rond de Heinekentoren.

Bereikbaarheid en overlast
Door de aanwezigheid van de werkterreinen is er minder ruimte, maar bedrijven, woningen, winkels en horeca rond de werkterreinen blijven bereikbaar.

Planning
De definitieve planning is nog niet bekend. Zoals het er nu uitziet begint het vrijmaken van de plaatsen van de werkterreinen op en rond de Dam in november 2006.

Vanaf voorjaar 2007 (op de Dam in ieder geval na 5 mei) worden de werkterreinen ingericht voor het maken van de schachten en het verstevigen van de bodem. Deze werkzaamheden duren ongeveer tien maanden. Daarna zijn nog circa tien weken nodig om de werkterreinen te ontmantelen en de openbare ruimte weer in oude staat terug te brengen.

In stadsdeel Oud Zuid starten de voorbereidende werkzaamheden medio 2007. De feitelijke bodemversteviging begint hier eind 2007/begin 2008.

Voorlichting
De bedrijven en bewoners, alsmede hun vertegenwoordigende organisaties rond de Dam zijn middels een nieuwsbrief en een informatieavond geïnformeerd over de ophanden zijnde werkzaamheden. Met het bedrijfsleven op en rond de Dam zullen afspraken gemaakt worden over de aankleding van de bouwhekken.

De bedrijven en bewoners in stadsdeel Oud Zuid en op andere lokaties in stadsdeel Centrum worden zo snel mogelijk geïnformeerd wanneer er voldoende duidelijkheid is over de exacte bouwlokaties.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Noord-Zuidlijn Amsterdam (Noord - WTC)