Concept PvE OV-concessie Amsterdam vrijgegeven

Amsterdam – De eisen die het ROA stelt aan het openbaar vervoer in het concessiegebied Amsterdam voor de volgende concessieperiode beogen dat het aangeboden openbaar vervoer de drukke verbindingen opzoekt. Daarnaast kiest het ROA ervoor om alle burgers zoveel mogelijk in de gelegenheid te stellen om aan sociale en economische activiteiten deel te nemen. Aan het netwerk van verbindende OV-lijnen worden in het nieuwe concept-Programma hogere eisen gesteld voor wat betreft de frequenties, ook in de zomermaanden. Daardoor ontstaat er in Amsterdam een netwerk dat een goed alternatief voor de auto kan zijn op plekken en verbindingen waar veel vertragingen en oponthoud voorkomen of veel parkeerproblemen zijn. Het verbindende net zal in de kern bestaan uit het netwerk van tram en metro, aangevuld met een aantal verbindende bus- en tramlijnen die vanuit de buitenwijken direct naar het centrum rijden.

Ieder adres
Er worden in het nieuwe Programma ook eisen gesteld aan de ontsluiting van de stad. Ieder Amsterdams adres zal op maximaal 400 meter een OV-halte moeten treffen of in geval van woonvoorzieningen voor ouderen op 250 meter. Vanaf deze haltes kunnen reizigers in veel gevallen rechtstreeks naar een belangrijk winkelgebied in de buurt of naar één van negen OV-knooppunten reizen (de stations CS, Amstel, Bijlmer, Duivendrecht, Lelylaan, RAI, Sloterdijk en Zuid/WTC en het Buikslotermeerplein). Is dat niet het geval, dan gelden er eisen voor de kwaliteit van het overstappen.

Eisen aan uitvoering
Behalve aan het ontwerp van een nieuwe dienstregeling en lijnennet worden er ook meer eisen gesteld aan de uitvoering. Zo zijn er eisen aan punctualiteit, maximale uitval, betrouwbaarheid en het verschaffen van reisinformatie. Hieraan zal ook een bonus-malus-regeling worden gekoppeld. Ook op het gebied van de sociale veiligheid formuleert het ROA voorwaarden waaraan het openbaar vervoer moet voldoen, zoals de conducteur op de tram, service en toezicht in de metro en op stations en cameratoezicht.

Geen extra kosten
Uitgangspunt bij het verlenen van de concessie op basis van het nieuwe Programma van Eisen is dat de uiteindelijk door de vervoerder ontworpen en uitgevoerde dienstregeling niet mag leiden tot extra kosten ten opzichte van het huidige kostenniveau. Met het oog op de beoogde kwaliteitssprong is er ruimte in het programma om op een aantal punten efficiencyslagen in het lijnennet door te voeren door op plaatsen waar nu relatief veel vervoer wordt aangeboden lijnen te combineren. De OV-concessie Amsterdam, die wordt uitgevoerd door het GVB, heeft een omvang van ruim € 200 miljoen, inclusief de gelden voor sociale veiligheid en beheer en onderhoud van de infrastructuur. Daarmee is het na de spoorconcessie van de NS de grootste OV-opdracht in het land.

Passend aanbod
Het concept-Programma van Eisen dat nu is opgesteld, heeft betrekking op de beoogde concessie die -indien de minister het goedkeurt- loopt van 2006 tot 2011. In lijn met eerdere afspraken zal het ROA in eerste instantie de huidige vervoerder, het GVB, in de gelegenheid stellen om een passend aanbod te formuleren op dit Programma. Hiertoe zal het vervoerbedrijf aan moeten geven tegen welke kosten, met welke dienstregeling en welk lijnennet het aan de gestelde eisen denkt te voldoen. Indien dit GVB-aanbod door het ROA als consistent met eerdere afspraken wordt beoordeeld, zal de nieuwe OV-concessie Amsterdam onderhands aan het GVB worden gegund. Zo niet, dan zal alsnog openbare aanbesteding plaatsvinden. De efficiencywinst die eerder in het overleg met het GVB over al dan niet onderhands gunnen van de concessie Amsterdam is overeengekomen, wordt overigens niet direct ingezet ten behoeve van het nieuwe Programma van Eisen. Deze winst is namelijk in de eerste jaren nog beperkt van omvang en verder zal een deel van de beoogde efficiencywinst gebruikt moeten
worden om bezuinigingen van het Rijk op te vangen. Over de bestemming van de efficiencywinst zal later separaat door het Dagelijks Bestuur van het ROA worden besloten.

Consultatieronde
Het concept-Programma van Eisen, dat nu door het Dagelijks Bestuur van het ROA is vrijgegeven zal worden voorgelegd aan de beide Reizigersadviesraden (RAR’s), de Adviescommissie voor de OV-concessie Amsterdam en aan de Adviescommissies van de omliggende concessiegebieden. De Adviescommissie Amsterdam wordt gevormd door de gemeenteraad van Amsterdam. De gemeente Amsterdam zal een inspraak- en adviesronde voor de stadsdelen en burgers organiseren. Na deze consultatieronde zal het Programma van Eisen definitief worden vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van het ROA. Het is de bedoeling dat het openbaar vervoer in Amsterdam vanaf eind 2005 volgens de nieuwe afspraken zal verlopen.

Auteur: Redactie Infrasite

Bron: Regionaal Orgaan Amsterdam (ROA)